De wereld volgens Gert-Jaap…

juli 21st, 2016

Kolencentrales moderniseren – juist niet sluiten.

Op 24 juni j.l. publiceerde het Financieel Dagblad een opinie van de Liberale denktank ‘Liberaal Groen’ onder de titel ‘Met kolencentrales wordt geld driemaal uitgegeven‘. (zie http://bit.ly/2ahxsk7). Daarin wordt gepleit voor versnelde sluiting van alle kolencentrales.

Mijn liberale lotgenoten maken daarbij een aantal cruciale denkfouten, foutieve weergaven van de werkelijkheid en gebruik van twijfelachtige vooronderstellingen. Blijkbaar geobsedeerd door het groene gedachtegoed maar niet – of niet altijd – op feiten gebaseerd. De ‘opinie’ van de denktank wordt dan ook alles behalve breed gedeeld – zeker niet binnen de VVD.

De originele doelstelling is geformuleerd als 20% minder CO2 uitstoot in 2020 (onthoud dat). Die doelstelling is inmiddels via o.a. het energie-akkoord vertaald naar 14% duurzame energie in 2020 (16% in 2023). Dat klinkt logisch, maar is het niet. De werkelijkheid is weerbarstig.

De groene gedachte achter dat energieakkoord was dat ‘duurzame’ energie, CO2-uitstotende centrales zou vervangen. En dat is in de praktijk dus niet het geval, wind- en zonnestroom vervangen geen baseload maar voegen uitsluitend extra opwekkingscapaciteit toe aan de stroomvoorziening. We vallen om in de hoeveelheid stroom – alleen niet wanneer we het nodig hebben.

De back-up centrales (in Nederland voornamelijk kolencentrales) moeten derhalve stand-by blijven door-pruttelen, zonder dat die hun volle vermogen mogen gebruiken om elektriciteit op te wekken. Tel daarbij op dat de autonome groei van de vraag naar stroom door demografische omstandigheden stijgt en jawel, de CO2 uitstoot stijgt dus ook.

Meer weersafhankelijke stroom leidt tot meer CO2 uitstoot

Meer weersafhankelijke stroom leidt tot meer CO2 uitstoot

Ergo, door meer windturbines (of zonnestroom) neemt de CO2 uitstoot niet af – maar toe! Voor de goede orde, dat is geen exclusief Nederlands probleem … in Duitsland en andere landen zie je hetzelfde verschijnsel.

Het directe gevolg van het toevoegen van ‘duurzame’ stroom – zonder vervanging van de baseload – leidt logischerwijze tot het imploderen van de marktprijs voor stroom. Die marktprijs daalt al jaren (sinds 2008) naar nu circa 2,5 cent per kWh en zal nog verder dalen, zo niet structureel negatief worden. In Duitsland is de duurzame belasting op elke kWh inmiddels het dubbele van die marktprijs. Nederland zal mettertijd volgen.

Een lagere stroomprijs wordt gecompenseerd door meer duurzame belasting

Een lagere stroomprijs wordt gecompenseerd door meer duurzame belasting

Soms moeten wind-energie producenten nu al betalen om het surplus aan stroom kwijt te raken. Zet vooral de airco aan wanneer u niet thuis bent en de energie rekening wordt lager! Op 8 Mei j.l. betaalde de duurzame sector 16 cent per kWh uit, om uw huis koel te houden …

16 cent per kWh kost het, om van je duurzame stroom af te komen.

16 cent per kWh kost het, om van je duurzame stroom af te komen.

Het verdienmodel voor klassieke energie centrales wordt daardoor ondermijnd. De energie maatschappijen staan op de rand van de afgrond en zullen bij faillissement complete steden in hun val meeslepen. Die boeken nu nog jaarlijks ‘te ontvangen dividend’ in, welke logischerwijze niet meer gerealiseerd worden.

Vrijwel alle gas gestookte centrales zijn inmiddels in de mottenballen gelegd, domweg omdat gas te duur is. De oude kolencentrales houden het nog wel even vol, maar gedwongen sluiting zo rond 2020, komt de eigenaren daarvan niet eens slecht uit. De technische levensduur is voorbij en duurzame woest gesubsidieerde alternatieven lonken. De groene marketing sticker voor op de deur van het hoofdkantoor kan besteld worden.

De collegae van ‘Liberaal Groen’ volgen blind de sprookjes van onze milieu clubs met het voorstel om de moderne kolencentrales (de schoonste ter wereld) ook nog eens te sluiten. De woordvoerder van Greenpeace wist zelfs te vermelden dat de eigenaren daarvan geen enkel recht op schadeloosstelling zouden hebben. De NOS was blijkbaar abusievelijk vergeten om die laatste seconden uit het interview weg te knippen.

Het Stalinisme via de achterdeur, maar dan bij het journaal. De subsidie-economie draait doorrrr … met de spaarzame belasting betaler als sluitpost van de begroting,

Om die duurzame energie doelstellingen te halen – en dat is dus iets anders dan de CO2 reductie doelstelling – is het bijstoken van biomassa onvermijdelijk. Dat komt door de definitie welke de milieu partijen aan CO2 gegeven hebben. CO2 in een boom is door de natuur ‘opgeslagen’ CO2 en verhoogt bij verbranding de CO2 uitstoot dus niet. Overigens is CO2 opgeslagen in steenkool ook gewoon natuurlijke CO2. Steenkool ontleent nota bene haar naam daaraan. Carbon!

Door het bijstoken van biomassa (hout) neemt het energie rendement van een kolencentrale met circa 10 punten af. Zelfs gedroogd hout – al dan niet met behulp van goedkoop Russisch gas – bestaat nog altijd uit 10% water. Wie ‘biomassa’ in een centrale gooit, verbrandt met name water (en uiteraard belastinggeld). In zoverre heeft onze ‘Liberale denktank’ natuurlijk volkomen gelijk. 4,5 Miljard aan subsidies over de schutting duwen om 10% minder energie en tegelijkertijd méér CO2 uitstoot te krijgen, draagt kwalijk bij aan het bereiken van de primaire doelstelling – minder CO2.

Maar ja, bij het afsluiten van het energie akkoord zaten Greenpeace, Natuur & Milieu, Milieudefensie, de wethouder uit Juinen et al zelf aan tafel. De ingenieurs die dit konden vertellen – en de consument die dit moet betalen – niet! Strikt genomen is het dan ook geen energie akkoord maar een energie dictaat. En de milieu-redders van de wereld zagen dat het goed was.

Bon. Een moderne kolencentrale heeft een energierendement van 45%, een oude van 36%. Die moderne kolencentrale heeft dus 20% minder steenkool nodig om dezelfde hoeveel stroom te leveren. Ik herinner de lezer dezes nog maar even fijntjes aan de initiële doelstelling van die 20% CO2 reductie. Of te wel wanneer we 8 van de 10 kolencentrales niet sluiten – maar moderniseren – halen we de CO2 reductie doelstelling op onze sloffen.

Maar waarom doen we dat dan niet?

Het antwoord daarop is van een verbazingwekkende eenvoud en zoals altijd een gevalletje van ‘follow the money’. Het moderniseren van het bestaande kolenpark is niet in het belang van onze groene milieuclubs zoals Greenpeace, Natuur & Milieu, Milieudefensie of de wethouder uit Juinen. Het oplossen van een gesuggereerd probleem, raakt direct aan hun verdien model. Greenpeace et al hebben géén belang bij de probleem oplossing. Het zou hen enkel dwingen tot het zoeken naar een nieuw probleem om vooral niet op te lossen.

Immers, wanneer we onze ‘fossiele’ kolencentrales wél moderniseren – wat is dan nog de rol voor wind- & zonnestroom? Gaan wind- en zonnestroom fungeren als backup voor uitvallende moderne kolencentrales of iets dergelijks? Die vraag stellen is hem beantwoorden. Er is géén rol voor wind- en zonnestroom. En die zal er ook nooit komen. Maar dat kunnen onze milieu adepten zich niet permitteren, want ipv de derde wereld, krijgen Greenpeace et al, dan zélf honger – trek zo u wenst.

Tot slot; Vervolgens wordt er min of meer in paniek een stage verslagje over de fijnstof uitstoot door kolencentrales gepubliceerd door onze hoeders der mensheid. Ook hiervoor geldt dat kolencentrales geen fijnstof produceren, overigens wel veel waterdamp. Ook dat deel van de werkelijkheid wist onze publieke omroep zorgvuldig te vermijden. Wel is de waterdamp uitstoot van die kolencentrales in de regel kunstmatig zwart ingekleurd.

Waterdamp wordt altijd zwart ingekleurd bij kolencentrales

Waterdamp wordt altijd zwart ingekleurd bij kolencentrales

De NOS wist het op 13 juli jongstleden wel heel bont te maken. Het journaal opende die dag met het rapport wat voor minister Kamp zou zijn en waaruit bleek dat het sluiten van de kolencentrales €7 miljard moet gaan kosten. (en dat is dan nog zonder de schadeloosstelling voor de eigenaren daarvan, maar dat terzijde).

Om 7.00 is de betreffende kolencentrale (Maasvlakte) nog voorzien van een blauwe achtergrond en witte waterdamp. Drie uur later is de afbeelding vervangen door een gefotoshopt exemplaar met smog en zwarte waterdamp. Daarmee verschrikkelijke vervuiling als CO2 en fijnstof suggererend.

Het NOS journaal 13 juli 's ochtends om 7.00

Het NOS journaal 13 juli ’s ochtends om 7.00

Het NOS journaal 13 juli om 10.00

Het NOS journaal 13 juli om 10.00

De feiten … de energiesector (kolencentrales) stoten géén fijnstof uit. De meest recente uitvinding ‘nano fijnstof’ bestaat met name uit zee-zouten. Wat gaan we doen? Nederland verplaatsen?

Fijnstof productie per categorie

Fijnstof productie per categorie

Onze Liberale Denktank mag rustig het pad van onze borger van het energie-akkoord – Dhr Nijpels – volgen. Me dunkt, dat is nou juist één van de kernwaardes van het Liberalisme. Maar meedeinen op het subsidie circuit is onze denktank ‘Liberaal Groen’ onwaardig. Zo CO2 een probleem zou zijn, verdient de ratio het om gehoord te worden.

Die ratio maakt volkomen duidelijk dat CO2 reductie (de primaire doelstelling) het snelst en goedkoopst gerealiseerd kan worden door het bestaande kolenpark te moderniseren. Niet door te pleiten voor het sluiten daarvan.

Ook onze Liberaal Groene denktank doet er goed aan, de achterdeur gewoon op slot te doen, wanneer de groene discipelen van Stalin weer eens aankloppen

Op persoonlijke titel – Gert-Jaap van Ulzen, Liberaal!

@GjvU

juni 28th, 2016

Wind energie heeft géén toekomst, ook niet met mega turbines.

Afgelopen week werd bekend dat de belangen club voor wind exploitanten (NWEA) de opbrengst van de turbines willen verhogen door deze steeds hoger te maken – tot wel 350 meter http://bit.ly/290xBEu. ‘De windenergie branche innoveert nog steeds en wind is bewezen techniek’.

Dat innoverend vermogen is nogal beperkt en bewezen technologie is het zeker. De eerste windturbine stond in 1180 in Roermond.

Van de energie die in wind opgesloten zit, kan maximaal 59,3% worden geconverteerd naar stroom (Wet van Betz). Een moderne windturbine realiseert 80% van dat theoretisch maximum, een onvoorspelbaar hoog percentage. Niet zo raar, want met een leercurve van meer dan 800 jaar mag je toch aannemen dat we weten hoe het werkt. Het technisch innovatie potentieel is daarmee wel benut en is wind technologie met recht fossiele technologie.

Verdubbeld de lengte van de rotorbladen van een windturbine, dan neemt de oppervlakte waar wind energie kan worden afgevangen kwadratisch toe. Een gevalletje van Pi maal de straal in het kwadraat. Het wind vermogen is verder de derde macht van de gemiddelde windsnelheid (de energie).

Neemt de windsnelheid met de helft af, dan daalt de opbrengst tot vrijwel nul. Ongeacht de grootte van de rotorbladen, het waait domweg niet hard genoeg. Het energie rendement waarmee die hoeveel wind kan worden omgezet in stroom neemt ook al niet toe.

De economische opbrengst van windenergie is een relatief eenvoudige rekensom; Hoeveelheid windenergie * conversie rendement * opbrengst per kWh. Voor de winst bepaling dienen daar nog de kosten vanaf te worden getrokken. Het maximale conversie rendement (de 80% van het theoretisch maximum) is nu wel bereikt, dus resteren slechts de hoeveelheid wind en de prijs per kWh.

De hoeveelheid wind die je kunt afvangen met een turbine is uiteraard afhankelijk van de lengte van de rotorbladen. Vandaar ook dat de windturbines steeds hoger worden – in de huidige voorstellen tot 350 meter hoog. Een dergelijke turbine kan een rotorlengte van zeg 150 meter hebben en dus veel meer wind energie afvangen.

Het economisch rendement van een windturbine neem dus toe met de hoogte. Of omgekeerd, voor dezelfde hoeveelheid stroom heb ik minder turbines nodig. Minder asfalt om erbij te komen, minder kilometers net-aansluiting, minder marketing, minder personeel etc. Vandaar ook dat windturbines in clusters worden neergezet. Deel de overhead over zoveel mogelijk turbines bij elkaar – hoe meer hoe beter.

Onafhankelijk van fysieke beperkingen – ze storten uiteindelijk onder hun eigen gewicht gewoon in – kennen hogere windturbines ook andere nadelen. De kosten daarvan nemen ook kwadratisch toe. Een turbine die twee maal zo hoog is kost vier maal zoveel. De winst van een grotere ‘wind afvang’ oppervlakte waait dan nogal snel weg. Letterlijk.

Dat is overigens een effect wat bouwers van wolkenkrabbers maar al te goed herkennen. Als de wolkenkrabber maar hoog genoeg wordt, heb je uiteindelijk zoveel liften nodig, dat er geen exploitabele ruimte meer overblijft. Technisch kan het wel, economisch alleen niet.

Naar eigen zeggen – door de turbine producenten – kunnen de kosten van deze megaturbines wel met 40% omlaag door te standaardiseren en de productie op te schalen. Om de gewenste schaalgrootte te bereiken moet er voor 4000 MegaWatt aan vermogen per jaar aan turbines worden bijgeplaatst. De kostprijs zou dan dalen tot circa 10 cent per kWh.

Het verhogen van het economisch rendement door het verhogen van de turbines is op zijn minst nogal beperkt. De conversie naar stroom van de afgevangen wind energie evenzeer. Blijft alleen over de opbrengst per kiloWattuur om een rendabele wind-energie business case te bouwen.

De marktprijs voor stroom is al sinds 2008 aan het dalen (nu circa 2,5 cent per kWh) en neemt die marktprijs straks toe omdat de geproduceerde stroom ‘groen’ is? Nou, nee, niet bepaald. De opbrengst voor onze megaturbine in harde euro’s neemt alleen maar verder af, er is namelijk een woest surplus aan stroom. De marktprijs voor stroom is zo hard gedaald, dat de oudere turbines stil gezet worden. Zij kunnen van die gratis wind niet langer rendabel stroom leveren.

De oorzaak daarvan is vrij eenvoudig. Wanneer het niet waait of domweg donker is, willen we wel graag stroom. Het ‘grijze’ stroomcircuit – in Nederland vooral kolen centrales – draait dus gewoon door. Onze windturbines voeren dus vooral stroom capaciteit toe aan de markt en vervangen geen kolencentrales. Aanbod stijgt, vraag blijft gelijk, prijs daalt. Economie HAVO-2 – zie ook bijvoorbeeld het CBS bericht van vandaag http://bit.ly/29jOnhK

Ook de overheid kan dit niet oplossen door kolencentrales te sluiten. Dan hebben we immers 75% van de tijd geen stroom. De gekozen oplossingsrichting – het wegsubsidiëren van de exploitatie verliezen van weersafhankelijke stroom (wind & zon) is dan ook kwalijk duurzaam te noemen. Wanneer de subsidie ophoudt, staat de windturbine stil. Zo is bijvoorbeeld de hoeveelheid biomassa-stroom afgenomen na het beëindigen van de MEP subsidies.

Weersafhankelijke stroom is dus geen oplossing, maar onderdeel van het probleem. Ook megaturbines gaan niet helpen, hoe graag de leden van de NWEA de subsidie stromen daarmee annex ook aan de business case toevoegen. Windturbines op land of op zee hebben domweg geen toekomst. Hoe hoog we ze ook zouden maken.

juni 22nd, 2016

En de wolven blijven huilend achter in het bos

In zijn column voor RTLZ verhaalt Henri Bontebal (werkzaam als bezoldigd duurzame profeet bij het netwerk bedrijf Stedin) vol enthousiasme over het kantelen van de fossiele industrie naar een duurzaam Utopia. Daarbij de groene activistische clubs in verwarring achterlatend. U vindt die column – met als titel ‘Snapt u het nog?’ hier http://bit.ly/28MISqE

Helaas, dat duurzame Utopia bestaat niet. De werkgevers organisatie heeft een nieuw plan – visie – zo u wilt, gelanceerd. Onder de titel ‘NL-next-level’ – http://www.nl-nextlevel.nl/. Daarin wordt er van alles en nog wat verduurzaamd, er ontbreekt alleen nog een stukje. Namelijk alles achter het Euro teken, wie gaat het betalen?

Bij de totstandkoming van het energieakkoord heeft er van alles en nog wat aan tafel gezeten. Tot en met het bestuur van de lokale visvereniging uit Juinen. De enige die ontbrak was degene die de rekening van dat energieakkoord krijgt, de burger. Die was niet uitgenodigd. De democratische vertegenwoordiging van die burger – de Tweede Kamer – heeft er nooit over kunnen stemmen. Het is dan ook geen energie akkoord maar een energie dictaat.

Het uitdelen van gratis geld van anderen is blijkbaar goed bevallen. De voorstellen van de werkgevers organisatie zijn dan ook dien overeenkomstig. De pensioen potten moeten €100 miljard op het kleed leggen en de overheid €7,5 miljard per jaar, minstens 10 jaar lang. Diezelfde overheid moet de risico’s op de duurzame projecten wegnemen en het rendement op de investeerders garanderen (circa 12%).

Maar waar ondernemen de initiatiefnemers dan nog? Wie wil er geen duurzame dromen realiseren zonder risico’s, maar met een – door de belasting betaler – gegarandeerd rendement? Het pensioenfonds PGGM heeft inmiddels al ruim een miljard euro van haar deelnemers verloren met de deelname in windparken in midden Amerika. De groene adepten hebben inmiddels geleerd dat wie er geld wil verdienen aan een casino er maar beter ééntje kan beginnen. Ook daar is het groene ‘Zero’ vakje voor ‘de bank’.

Zo wordt ook enthousiast gereageerd op Shell, die ‘opeens’ in windparken wil investeren. Maar de vraag stellen – hoeveel gaat Shell in windparken investeren wanneer de subsidies op zijn – is hem beantwoorden. Niets. De aandeelhouders willen gewoon rendement en het PGGM – ook aandeelhouder – heeft nog wat goed te maken. 97% van de aandeelhouders verwees de groene resolutie vooral resoluut naar de prullenbak http://bit.ly/28PkPu4.

‘Volkswagen zet nav Dieselgate vol in op elektrische auto’s’. Dat klopt, alleen wel met een kleine nuance. Het prijsverschil tussen de gewone benzine/diesel Volkswagen en de elektrische evenknie moet worden weggesubsidieerd. Bij de andere automerken overigens hetzelfde verhaal. En wie betaalt die gewenste subsidie .. juist, de belastingbetaler.

Maar wat gebeurt er wanneer die belasting betalers er geen zin meer in hebben en wanneer de subsidie regelingen kopje onder gaan door het eigen succes? Het politieke geheugen van onze groene adepten is blijkbaar kort, want dat is precies wat er in 2006 gebeurde. Op 17 augustus 2006 werd van het ene moment op het andere de zogenaamde MEP subsidie regeling door de staatssecretaris Joop Wijn afgeschaft. Honderden duurzame projecten – vooral vergisters – konden terug het archief in. Zonnepanelen troffen een vergelijkbaar lot.

Wel Henri, ik snap het uitstekend. Zoals premier Thatcher het ooit al verwoordde – duurzame dromen houden uiteindelijk op wanneer het gratis geld van anderen op is. En ik voorspel je dat dat wel eens veel eerder kan zijn dan een ieder vermoedt. Met de verkiezingen in de USA voor de deur, in 2017 de verkiezingen in Duitsland, Frankrijk en Nederland – wachten de duurzame subsidies hetzelfde lot als de MEP in 2006. De transitie naar Utopia zal schokkend tot stilstand komen en de wolven blijven huilend achter in het bos.

juni 16th, 2016

Ook ‘groene’ dromen zijn bedrog

Via ‘ingezonden – Wacht niet op Thorium’ reageert het Friese PvdA Statenlid Hetty Janssen op de provinciale energie expertmeeting en het Thorium hoofdstuk daarin. De gebruikelijke one-liners komen daarbij weer eens voorbij, zoals ‘onze aarde gaat in no-time naar de klote’ en mijn kinderen zullen daarvan als eerste het slachtoffer zijn. De ingenieur Theo Wolters zou ruiterlijk toegegeven hebben dat thoriumcentrales nog tientallen jaren op zich laten wachten. Niets is minder waar.

PvdA Statenlid Hetty Janssen geeft zaken onjuist weer.

PvdA Statenlid Hetty Janssen geeft zaken onjuist weer.

Nu winkelt de PvdA wel vaker selectief, maar deze is wel wat bijzonder. Ik kan het weten, want ik zat er zelf bij. Dhr. Wolters heeft om te beginnen keurig aangetoond dat de wind- en zonnestroom plannen de autonome groei van de vraag naar energie niet kunnen bijbenen. Het IEA (International Energy Agency) voorspelt dat in de ‘best case’ in 2040 windstroom voor 1,7% in de energie behoefte kan voorzien.

In 2013 was dat 0,4% – om de factor wind maar even voorzichtig te duiden (en zon overigens nog minder, slechts 0,1%). Elk enthousiasme voor wind en/of zonnestroom is dan ook volkomen misplaatst. De tientallen miljarden aan subsidies die daarmee gemoeid zijn, dus ook. Weggewaaid belastinggeld. Letterlijk.

Het is dan ook om precies die reden dat de landen om ons heen ophouden met die malle molens. Duitsland is de zo geroemde Energiewende aan het afbouwen, Denemarken heeft de bestaande wind op zee plannen eerst maar even 10 jaar uitgesteld (http://bit.ly/1UyixR3) en Zweden heeft net besloten om ipv windmolens een tiental kerncentrales te bouwen (http://bit.ly/1XrZcTY). Dát is de duurzame realiteit. Ook ‘groene’ dromen zijn vooral een kostbaar bedrog, waar mijn kinderen straks wél last van hebben.

Dhr. Wolters heeft verder keurig aangegeven dat de tweede – inherent veilige – gesmolten zout reactor, binnen een jaar of acht gereed zal zijn. De eerste heeft in de jaren zestig naar volle tevredenheid een vijftal jaren gedraaid. Die produceerde alleen geen kernwapen Plutonium, de reden waarom Amerika ermee ophield. De Thorium variant daarvan zal nog iets langer op zich laten wachten. Wellicht zelfs 20 jaar, waarschijnlijk minder.

Onze wereld gaat ook niet in ‘no-time’ naar de klote. De dames en heren klimaat wetenschappers hebben allang geconstateerd dat CO2 amper invloed heeft op ‘het klimaat’. In de middeleeuwen was er politieke consensus over het gegeven dat de aarde plat was. Er zijn blijkbaar politici die sindsdien weinig progressie hebben doorgemaakt.

Wie – totdat de nieuwe kerncentrales operationeel zijn – toch minder CO2 wil uitstoten, kan maar beter de bestaande kolencentrales moderniseren. Niet sluiten. Het energie rendement van een moderne kolencentrale ligt 20% hoger dan bij een oude. Zo zijn de nieuwe Nederlandse kolencentrales de schoonste van de wereld, met 20% minder kolen produceren ze evenveel stroom. Daarmee is de doelstelling van 20% minder CO2 uitstoot in 2020 ruim gehaald.

De wereld om ons heen zet inmiddels wel vol in op de volgende generatie kernenergie, waaronder Thorium. Maar in Friesland hebben we gelukkig de PvdA nog, om de toekomst uit te stellen.

juni 1st, 2016

Wind- & zonnestroom hebben geen waarde. Waardeloos. Letterlijk.

De duurzame adepten zien graag 100% weersafhankelijke stroom met daarbij wind- & zonnestroom als hoofdmoot. Daarbij verschijnen te pas en te onpas allerlei enthousiaste mededelingen als ‘Portugal vier dagen volledig op zonnestroom’ (http://bit.ly/1WXwZE1) of Duitsland op 1e pinksterdag bijna een kwartier volledig op windstroom. Daarbij suggererend dat een combinatie van weersafhankelijke wind- & zonnestroom voldoende zou zijn om ‘fossiele’ centrales mettertijd uit te kunnen faseren. Helaas, was het maar zo simpel.

Als we maar genoeg windturbines neerzetten, dan kunnen de kolencentrales dicht. Om zo het credo van de klimaat gelovigen maar even samen te vatten. De neutrale toeschouwer – zoals ik mijzelf beschouw – wordt daarbij beticht van ‘vuilspuiterij’, ‘tuig van de richel’ en moet ‘het land worden uitgetrapt’. Een weinig verheven bijdrage aan de discussie en bovendien niet getuigend van de kracht van het argument. Maar dat terzijde.

De doelstellingen waren in beginsel gericht op minder CO2 uitstoot, de 20-20-20 doelstelling. 20% Minder CO2 uitstoot in 2020 te bereiken door 20% meer ‘duurzame’ energie en energiebesparing. De gedachte daarachter lijkt logisch, maar blijkt in de praktijk weerbarstig. Meer weersafhankelijke stroom (stroom is daarbij overigens slechts 17% van onze energiebehoefte) heeft méér CO2 uitstoot tot gevolg en niet minder.

Niet alleen in Nederland, maar ook in Duitsland of Frankrijk. De Scandinavische landen vormen daarop een uitzondering om een voor de hand liggende reden – waterkracht. Plus natuurlijk relatief weinig inwoners.

Meer weersafhankelijke stroom leidt tot meer CO2 uitstoot

Meer weersafhankelijke stroom leidt tot meer CO2 uitstoot

Willen we de energievoorziening van Nederland vergroenen, zul je de zogenaamde baseload moeten vergroenen. Het toevoegen van weersafhankelijke stroom is daarbij een zinloze exercitie. Windstroom heeft een productiefactor van 22% (wind op land) en 36% (wind op zee), zonnestroom heeft een productiefactor van 10%. Dat kan middels technologische innovaties nog wel iets stijgen, maar geen tientallen procenten. Tenzij we uiteraard de wetten der fysica willen onderwerpen aan de wetten van de kansel.

Naarmate we meer weersafhankelijke stroom – zwaar gesubsidieerd – toevoegen aan het aanbod, zonder dat de vraag daarnaar toeneemt, daalt de prijs van die stroom (Economie HAVO-2). De consument betaalt een lagere stroomprijs, maar daarboven de steeds hogere subsidie aan de groene stroom producent. Per saldo vliegt de consumentenprijs voor stroom door het plafond. Die lagere marktprijs heeft vrijwel direct een hogere duurzame belasting tot gevolg.

Sinds 2012 betaalt de Duitse stroom consument meer aan de duurzame opslag per kWh dan voor de feitelijke marktprijs daarvan. Stroom is vrijwel gratis, alleen de groene emotie daarmee annex alles behalve. Dat gaan we in Nederland ook zien, er wordt alleen al in 2016 voor €2.500,- per huishouden aan groene verplichtingen aan gegaan. De uitvoering van het energieakkoord gaat ieder gezin grofweg €12.000 kosten, waarvan onze kinderen en klein kinderen de blauwe incasso enveloppe gaan krijgen.

Een lagere stroomprijs wordt gecompenseerd door meer duurzame belasting

Een lagere stroomprijs leidt tot hogere duurzame belasting

De voorbeeldlanden Duitsland en Denemarken kennen de hoogste energie tarieven ter wereld. Ruim twee derde van die rekening bestaat uit duurzame belasting en dat wordt alleen maar meer. Het is dan ook niet abusievelijk dat beide landen (maar ook Zweden http://bit.ly/1WW6wFC en China) vol op de remmen gaan staan bij de uitbreiding van het groene stroom areaal. In China wordt windstroom inmiddels beschouwd als afval, ze kunnen het niet meer kwijt op het net (http://reut.rs/1q76Ft8).

De Duitse Energiewende is dé facto voorbij, Duitsland zoekt alleen nog een charmante manier om dat te laten landen. In Denemarken een vergelijkbaar verhaal http://bit.ly/1O3fAqW. Ons aller PvdA Tweede Kamer lid – Dhr. Jan Vos – verhaalt telkenmale met verve dat wind-energie in Denemarken is aanbesteed onder de prijs van ‘fossiele’ energie. Hij zal nu moeten toelichten waarom datzelfde Denemarken een vijftal geplande offshore windparken van de agenda heeft verwijderd. De Deense economie en consument hebben namelijk zwaar te lijden onder de duurzame aspiraties van de groene idealisten.

Door de voorrang van groene stroom op het net, was afgelopen jaar de stroomprijs al meermaals negatief. Producenten betalen liever, om van hun afval-stroom af te komen, zolang de subsidie het verlies dekt.

16 cent per kWh kost het, om van je duurzame stroom af te komen.

16 cent per kWh kost het, om van je duurzame stroom af te komen.

Zondag 8 mei in Duitsland was daarvan een schrijnend voorbeeld. Onze Duitse energie leveranciers leverden stroom onder bijbetaling van 16 cent per kWh. Gedurende een paar uur was Duitsland weliswaar voor 80% groen, het heeft de Duitse consument alleen een vermogen gekost. Ons staatsbedrijf TenneT – de net beheerder – heeft over 2015 een slordige half miljard moeten uitbetalen aan groene wind boeren met een groen idealistisch contract. Om vooral alstublieft géén stroom te leveren.

Tegelijkertijd kun je geen kolen- gas- of kerncentrales sluiten. Zaterdag 28 Mei waaide het amper en zonne-stroom doet het ’s avonds echt niet. 78% van de tijd waait het niet of niet genoeg en door het jaar heen is het 50% van de tijd gewoon donker. Namelijk ’s nachts en ’s winters. Dat het ergens in Europa altijd wél waait, blijkt ook al een Greenpeace mythe.

Zonder ‘fossiele’ centrales hadden we 28 Mei j.l. collectief hoogstens nog kunnen meezingen met de golden oldie ‘Where were you when the lights went out in NYC‘ – maar dan New-York moeten vervangen door ‘all over Europe‘.

Deense wind goed voor grofweg 10% van de stroom behoefte.

Deense wind goed voor grofweg 10% van de stroom behoefte.

Windstil in heel Europa

Windstil in heel Europa

Zon- & wind vervangen domweg geen baseload. Sterker nog, het omgekeerde is het geval. Naarmate we meer weersafhankelijk vermogen aan de capaciteit toevoegen, moeten we meer stand-by capaciteit toevoegen. Hoe meer wind- & zonnestroom, hoe meer kolen-, gas of kernenergie centrales erbij moeten. En gezien de Amerikaanse Schaliegas revolutie, zullen goedkope kolen en bruinkolen daarbij vooraan staan. De CO2 uitstoot stijgt!

En dat gebeurt overigens in Europa ook keurig. Duitsland en Nederland hebben een zestal hoog vermogen kolencentrales in productie genomen en in de UK staan er een viertal kerncentrales in de planning voor de komende 10 jaar. Frankrijk werd – nota bene door ons CPB – gekapitteld wegens het niet halen van de duurzame energie doelstellingen. Tegelijkertijd is datzelfde Frankrijk een voorbeeldland wanneer we kijken naar de CO2 emissie doelen.

Frankrijk stoot voor de elektriciteitsproductie amper CO2 uit

Frankrijk stoot voor de elektriciteitsproductie amper CO2 uit

Wind- & zon zijn in Zuid-Australië belangrijke stroom leveranciers, circa 40%. Met enige regelmaat ligt daar het maatschappelijk verkeer inmiddels compleet stil. Treinen staan stil, airco’s laten het afweten. Geen wind – of te veel wind, geen zon – en de energie voorziening staakt. Het stroomnet kan het niet aan, de touwtjes boven de grond ontploffen. Letterlijk.

Duitsland zal circa 30% weersafhankelijke stroom kunnen absorberen, een percentage wat in 2017 wel ongeveer bereikt gaat worden. Nederland kan iets minder weersafhankelijke stroom toelaten op het net. Waterkracht als balancerende factor lijkt mij een limiterende factor hier. Dat zie je vaker in delta’s – ze zijn in de regel nogal plat.

Een educated guess limiteert de hoeveelheid weersafhankelijke stroom die het Nederlandse net aan kan tot circa 25%. Hetgeen wij bij ongewijzigd beleid zo rond 2023 zullen bereiken. Bedenk daarbij dat de Nederlandse netbeheerder (TenneT) tot de beste van de wereld behoort. Zo u in Zuid-Afrika zou wonen, dan functioneert uw koelkast slechts een half uur naar behoren. En dat is dan per week … niet per dag.

In generieke zin is de hoeveelheid weersafhankelijke stroom wat een goed georganiseerd ‘grid’ kan verwerken beperkt. Het produceren van stroom is dan ook een non-issue, de grootschalige opslag daarvan is – gezien de basale wetten der fysica en economie – onoplosbaar.

Paard achter de wagen

Het is dan ook daarom dat de Duitse Autoriteit voor de Consument & Markt (ACM) – in Brussel – een buitengewoon interessant voorstel deed. ‘Reken de kosten van stand-by vermogen toe aan de leveranciers van (weersafhankelijke) wind- & zonnestroom‘.

Combineer dat eventueel met een CO2-tax en daarmee krijgt niet alleen CO2 emissie een prijs, maar leveringszekerheid ook. Immers weersafhankelijke stroom waar geen vraag naar is, blijkt economisch zonder waarde. Waardeloos. Letterlijk.

mei 15th, 2016

Zonnepanelen? Helaas. Nog niet aan beginnen, een voorspelling.

Ik doe er nog ééntje over zonne-panelen voor de kleinverbruiker. In plaats van de uitgangspunten uit de wervende folder ga ik uit van een meer reële benadering. De belangrijkste daarvan zijn een geleidelijke afbouw van de salderingsregeling na 2017 en verder dalende stroomprijzen op de markt.

Ieder gezin in Nederland betaalt nu circa 19 cent per kWh en dat is inclusief de opslag duurzame energie, energie belasting én de BTW daarover. Bij de salderingsregeling betekent dat, dat u ook voor de terug geleverde stroom die 19 cent per kWh ontvangt. Tot het maximum van het eigen verbruik.

Het gemiddelde verbruik van een Nederlands gezin is 3.600 kWh. U mag ’s zomers meer opwekken en het publieke net als batterij gebruiken om die stroom ’s winters tegen hetzelfde tarief terug te kopen – salderen. Nu iedereen zonne-panelen op het dak aan het leggen is, gaat deze salderingsregeling aan haar eigen succes ten onder en zal die worden aangepast.

Ik vermoed dat er een overgangsregeling gaat komen waarbij voor retour geleverde zonnestroom een lager bedrag ontvangen gaat worden. Uitgaan van een korting van 2 €cent per kWh per 2017 oplopend naar 10 €cent per kWh in 2022, lijkt mij niet irreëel. Een ander alternatief zou kunnen zijn dat de eigenaren van zonne-panelen geen Opslag Duurzame Energie zouden hoeven te betalen voor de door hen in de winter terug gekochte stroom. Voor de uitkomst maakt dat niet zoveel uit, de Rijksopbrengsten zullen leidend (lijdend) zijn.

We zien nu al dat de belasting op stroom verschuift naar belasting op gas. Dat is namelijk een heel eenvoudige manier om de subsidie op zonnestroom af te bouwen zonder dat de Rijk’s schatkist daar last van heeft. Overigens een voorstel van D66 om het belastingplan 2016 te kunnen steunen. Het kan verkeren.

Verder zal de marktprijs voor stroom dalen naar nihil of daaromtrent, juist door het enorme overschot aan wind- en zonnestroom. Dagprijzen voor stroom zijn nu al bij tijd en wijlen negatief, tegelijkertijd heeft de Duitse overheid aangekondigd die negatieve stroomprijzen vanaf 2017 niet langer te subsidiëren middels haar Energiewende.

Stroom levering zal dus op niet al te lange termijn – een jaar of vijf – gratis zijn. U gaat daarentegen betalen voor de beschikbaarheid daarvan. Het zogenaamde capaciteits- mechanisme. Overheden zullen fossiele centrales moeten betalen om in de stand-by modus te blijven staan en die rekening gaat u logischerwijze terugvinden. Een tender in Engeland om stand-by stroom te leveren werd overigens gewonnen door een leverancier van Diesel generatoren. De kolencentrales konden er niet tegen op.

Dat alles heeft een paar merkwaardige effecten voor uw zonne-paneel project. U gaat ’s zomers uw stroom surplus terugleveren aan de elektriciteitsmaatschappij voor (geschat 2022) 7 €cent per kWh en moet dat ’s winters terugkopen voor circa 17 €cent per kHw. Daarnaast krijgt u een rekening van give or take €400,- per jaar als bijdrage in het compenseren van de verliezen van de kolen centrales – de standby vergoeding. Met recht een wiskundig optimaliserings-vraagje, maar wel oplosbaar.

Bij een handige keuze voor de hoeveelheid zonnestroom panelen, kunnen we ervan uitgaan dat uw overproductie van zonnestroom in de zomer het tekort in de winter dekt. U verschuift daarmee 1800 kWh van de zomer naar de winter, de helft van uw verbruik.

Voor dat surplus aan zonnestroom ontvangt u 1800 kWh * 7 €cent = €126 euro. Om die stroom in de winter terug te kopen betaalt u 1800 kWh * 17 €cent = €306,-. U betaalt per saldo €220,- voor het gebruik van het stroomnet als batterij. De stand-by vergoeding en de korting op de energiebelasting spelen geen rol, die krijgt immers iedereen.

Wie geen zonnepanelen heeft, betaalt het hele jaar door 17 €cent per kWh = €612. Met zonnepanelen bespaart u dus €392 per jaar.

De vraag die ik wil beantwoorden is of het zinvol is om met een besparing van zeg €400,- per jaar middels PV, daarin te investeren? Kan ik een zonnestroom installatie kopen die ’s zomers 1800 kWh terug levert voor maximaal €400,- per jaar.

Ook die vraag laat zich beantwoorden. Om 1800 kWh terug te kunnen leveren heb ik een zonnestroom installatie nodig van 3600kWh, de andere helft is immers voor eigen gebruik. Een vierkante meter levert PV momenteel ongeveer 120 kWh per jaar, of te wel, ik heb 30 vierkante meter aan panelen nodig of 4,1 KiloWattPiek aan zon vermogen (bij een productiefactor van zon van 10%).

De investeringskosten daarvan bedragen momenteel €9.250,- geïnstalleerd en wel. Met een jaarlijkse besparing van €400,- duurt het dus tenminste 23 jaar voordat ik mijn zonnestroom project terug heb verdiend en wordt de technische levensduur redelijk benaderd. Veronderstellende dat de rentelasten & onderhoudslasten nihil zijn.

In werkelijkheid zullen de panelen de komende jaren én meer produceren én goedkoper worden. Er komt gedurende de komende 25 jaar een moment waarop het economisch verstandig is de oude panelen te verwijderen en te vervangen door goedkopere en beter presterende panelen.

Dat moment is bereikt wanneer de nieuwe investering meer opbrengt dan de oude na rente en afschrijvingslasten. Stel dat over 5 jaar de panelen 100% beter presteren en de aanschafkosten halveren. Dan heb ik nog maar 10 panelen nodig die ook nog maar €2.250,- kosten.

Over de gehele looptijd bespaar ik €12.000 (30 jaar x €400,- ) en investeer €9.750,- + €2.250 opnieuw na 5 jaar. In mijn voorbeeld niet toevallig ook €12.000,-. In mijn voorbeeldje is daarmee de economische levensduur – en daarmee de afschrijvingstermijn van mijn initiële investering 5 jaar.

Die economische levensduur ligt ver onder de terugverdientijd van 23 jaar en dus is mijn investering in zonnepanelen nu weinig zinvol. In werkelijkheid verwacht ik niet dat de opbrengsten zullen verdubbelen en investeringslasten binnen 5 jaar zullen halveren. De economische levensduur van zonne-panelen ligt nu ergens tussen de 5 en 7 jaar. Bij toekomstige dalende opbrengsten zal die nog wel wat hoger worden dan nu. Immers de toekomstige opbrengst van een nieuwe investering daalt per kWh dan ook.

Laten we eens uitgaan van 10 jaar. De jaarlijkse opbrengst van €400,- is bij lange na niet toereikend om de jaarlijkse afschrijvingskosten van €925,- mee te dekken. Wie €9.750,- over heeft, kan maar beter de hypotheek daarmee aflossen.

De grote vraag die blijft staan is uiteraard in hoeverre de verwachting omtrent de dalende vergoeding binnen de salderingsregeling ook werkelijkheid wordt. Blijven de huidige salderingsregeling én korting op de energiebelasting bestaan, dan worden de sommetjes wat zonniger en ligt de terugverdien tijd op 11 a 12 jaar. Maar ik zou er niet op rekenen.

mei 11th, 2016

Zonnepanelen economisch rendabel? Niet echt …

Met enige regelmaat bereikt mij de vraag waarom zonne-panelen om bedrijfseconomische redenen elke 5 jaar vervangen zouden moeten worden? Ze doen het toch nog prima?

Nou, niet dus …  bedrijfscalculatie …

Zonne-panelen zijn nog altijd een verliesgevende investering, maar velen willen dat niet horen. De economische levensduur van bestaande panelen ligt momenteel tussen de 5 en 7 jaar, daarbinnen moeten ze terug verdiend zijn. Dat er in de wervende zonne-stroom brochures altijd weer niets zeggende teksten opgenomen staan als ‘terugverdientijd van 10 jaar’ en ‘daarna nog 15 jaar gratis stroom’, doet daar niets aan af.

De economische levensduur van een investering wordt bepaald door het aantal jaar waarna een hernieuwde investering meer toekomstige opbrengsten heeft dan het boekverlies van de oude investering en de nieuwe investering te samen. De technische levensduur is de duur waarop de investering het nog doet – in geval van zonne-panelen – stroom levert.

De economische levensduur – en daarmee de afschrijvingstermijn – wordt dus mede bepaald door de gemiste toekomstige opbrengsten van een hernieuwde investering. Iemand die zonne-panelen op het dak heeft gelegd moet jaarlijks de afweging maken of het inruilen van die zonnepanelen voor de meest moderne exemplaren winst oplevert. Een voorbeeld zal dit verduidelijken.

Stel ik heb in 2011 voor €10.000,- zonnepanelen gekocht met een jaarlijkse opbrengst van €1.000,-. Ik kan nu – 5 jaar later – die zonnepanelen vervangen door nieuwe exemplaren die jaarlijks €2000,- opleveren tegen een nieuwe investering van €10.000,-. Wat ga ik doen?

Over de gehele technische levensduur – stel 25 jaar – levert mijn bestaande zonnestroom project €15.000,- winst op (€25.000 opbrengsten minus €10.000,- investering). Gedurende het restant van die technische levensduur levert een nieuw zonnestroom project eveneens €15.000,- winst op (20 jaar x €2.000,- minus €10.000 nieuwe investering minus €5.000,- gemiste opbrengsten bestaande zonne-panelen).

Blijkbaar ligt het omslagpunt in mijn voorbeeld op 5 jaar na de initiële investering. Daarmee is de economische levensduur van mijn bestaande zonne-panelen bepaald op 5 jaar. Wie rekent met een langere afschrijvingstermijn, houdt zichzelf voor de gek. Belangrijker, die mist dan dus ook een deel van de toekomstige opbrengsten en is een dief van eigen beurs. Het uitgegeven geld voor de initiële investering is weg en blijft weg en komt ook nooit meer terug.

Dat betekent dan ook dat de jaarlijkse afschrijvingskosten van mijn bestaande panelen €10.000,- gedeeld door 5 jaar – €2.000,- per jaar zijn. Bij een stroom opbrengst van €1.000,- per jaar levert mijn oude zonne-stroom project dus verlies op en had ik er domweg nooit aan moeten beginnen. Wie de verliezen wil beperken moet dan ook niet gaan rekenen met onrealistische afschrijvingstermijnen maar de bestaande panelen vervangen door nieuwe na afloop van die economische afschrijvingstermijn.

In mijn nieuwe zonne-stroom project zijn bij een economische levensduur van 5 jaar de kosten en opbrengsten in evenwicht. Er wordt nog steeds niets aan verdiend, wel koop ik bij vervanging de relatieve zekerheid dat het boekverlies van de initiële investering wordt goedgemaakt.

Wie dus aan zonne-panelen wil beginnen, ga vooral uw gang. Maar denk niet dat er iets aan verdiend kan worden. Wie ze heeft, doet er goed aan om met enige regelmaat te berekenen of tussentijdse vervanging niet zinvoller is. Wie ze niet heeft, begin er niet aan voordat de terugverdientijd uit de folder de economische levensduur van circa 5 tot 7 jaar bereikt.

Nabrander; Het produceren van zonnepanelen kost meer energie dan ze ooit zullen opleveren. De ‘return on energy’ is negatief in Noord-West Europa http://euanmearns.com/the-energy-return-of-solar-pv/

Zie ook Fred Udo over energie belastingen en zonnestroom http://www.cafeweltschmerz.nl/kees-de-lange-interviewt-fred-udo-de-energiebelasting-is-asociaal/

mei 8th, 2016

Stop met wind, begin met Thorium. Eenvandaag.

Zowel in de uitzending van Eenvandaag van vrijdag 6 Mei jl (http://bit.ly/23wFc0Y) als de bijdrage van Martin Sommer in de VK van zaterdag 7 Mei (http://bit.ly/1rAvaAa) wordt terecht de vloer aangeveegd met de windenergieplannen binnen het energie akkoord.

Twitter in het energie landschap ontplofte bijkans en de belangenclubs zoals het NWEA , maar ook de Dong scribent Jasper Vis schoten in de stress. Zie hier ‘Belooft Eenvandaag luchtkastelen’ http://bit.ly/1WRueDb . De tegenstanders van die malle molens hebben de media strategie van de adepten gekopieerd, dus paniek in de tent.

Maar laten we de meest relevante onderdelen van de bijdrage van onze Dong scribent eens op haar merites – de feiten – beoordelen;

Voice-over: “8 miljard euro is de jaarlijkse subsidie die het Rijk beschikbaar stelt voor de bouw van windmolens”

Er wordt geen subsidie gegeven voor de bouw van windmolens, maar voor de duurzame energie die windmolens produceren. Voor windenergie op land kan SDE+ subsidie aangevraagd worden. Daarbij concurreert windenergie op land met andere vormen van duurzame energie. De projecten die tegen de laagste kosten duurzame energie leveren krijgen subsidie toegekend. Als een andere technologie goedkoper is, dan zou windenergie op land geen subsidie krijgen. In 2016 is het totale budget voor de SDE+ tender eenmalig 8 miljard euro voor alle vormen van duurzame energie. Dat is geen jaarlijkse subsidie, maar het maximale bedrag dat over de looptijd van de projecten (voor wind- en zonne-energie 15 jaar) wordt uitbetaald.’

Dit is spelen met woorden. In 2016 is het totale budget voor de SDE+ tender eenmalig 8 miljard euro, daarnaast is er in 2016 een geoormerkte tender voor wind op zee van nogmaals eenmalig 5 miljard euro (beiden gedurende 15 jaar uit te betalen). Het totale bedrag wat over de periode 2011/2026 voor duurzame energie (SDE+ regeling) is gealloceerd bedraagt 64 miljard en is waarschijnlijk te weinig (Algemene Rekenkamer).

Wind energie is daarbinnen by far de grootste subsidie slokop. De jaarlijkse subsidie voor duurzame energie bedraagt daarmee grosso modo gemiddeld €4,2 miljard euro per jaar, tenminste 15 jaar lang. U krijgt er niet meer of minder – of andere stroom voor. Dat is dus in totaal €10.000 voor elk gezin, hetgeen geïncasseerd wordt middels uw energierekening. Een typisch gevalletje van ‘follow the money’.

Nu de Opslag Duurzame Energie (ODE) bestaat en buiten de Rijksbegroting valt, is er een een extra belastingkraan geëffectueerd. En hierover hoeft geen politieke verantwoording te worden afgelegd. Het begrotingstekort stijgt niet met een toename van de uitgaven voor duurzame idealen, uw rekening daarentegen wel. U gaat na 2023 €100,- per maand meer betalen – ook met nul op de meter.

Voice-over: “De harde feiten zijn dat zonnepanelen voorlopig te weinig rendement opleveren en windenergie simpelweg geen toekomst heeft”

Wat betreft zonnepanelen is de vraag welk rendement er bedoeld wordt. Als het gaat om de energieopbrengst: in Duitsland leverde zonnepanelen in 2015 met 37 miljard kWh meer elektriciteit dan gascentrales (30 miljard kWh). Als het gaat om het financiële rendement: in Dubai leverde een tender afgelopen maand een groot zonne-energie project op tegen een prijs van 2,6 eurocent per kWh. Tegen die prijs kan vrijwel geen andere energiebron stroom produceren. Natuurlijk is er in Dubai aanzienlijk meer zonlicht dan hier in Nederland en is de kostprijs van zonne-energie daardoor hier hoger (12,8 ct/kWh volgens ECN). Het laat wel zien hoe spectaculair de kosten van zonne-energie zijn gedaald en dat er met het rendement van zonnepanelen weinig mis is. Zonne-energie is de afgelopen jaren wereldwijd dan ook jaarlijks met dubbele cijfers gegroeid.

Feit is dat het Dubai project nog gebouwd moet worden en de prijsstelling vooraleerst met een hoop onzekerheden is omgeven. Wat is het financieringsarrangement, afname- en leveringsplicht en waar komt de stroom vandaan wanneer het donker is en tegen welke kosten?

Feit is ook de de zonnestroom investeringen in Duitsland geïmplodeerd zijn. Niet omdat opeens bij onze Oosterburen de eeuwige duisternis is ingetreden maar omdat de prijs neerwaarts bijgesteld is naar 30 cent per kWh. De markt heeft dus besloten dat zonnestroom onder de 30 cent per kWh niet rendabel is. Waarin Nederland daarin zou verschillen van Duitsland is mij niet duidelijk. Ik vermoed dat het ECN rekent met een afschrijvingstermijn van de technische levensduur (15 jaar) ipv de economische levensduur (5 jaar). Daarmee kun je cosmetisch elke kostprijs verlagen.

Zonnestroom DL 2015

De stelling dat windenergie geen toekomst heeft roept de vraag op waarom nogal verschillende landen als China, de VS, Duitsland en Brazilië (om er maar een paar ten noemen) op grote schaal investeren in windenergie

China heeft besloten om niet meer te investeren in windenergie (windstroom is daar vooral afval – http://reut.rs/1q76Ft8 ) en Duitsland is voornemens om wind op land vanaf 2019 af te bouwen. In de VS is het enthousiasme ook al tanende, de weerstand tegen de zogenaamde tax-credits neemt alleen maar toe. Duizenden windmolens staan daar vooral te roesten in het landschap http://bit.ly/24Db8Xe . Overigens heeft ook het voorbeeldland Denemarken de windenergie plannen eerst maar even in de koelkast gezet wegens toenemende weerstand en door het plafond geschoten consumenten prijzen voor stroom (http://bit.ly/1Zt7EQo). Zweden idem (http://bit.ly/1WW6wFC).

De stelling dat wind energie geen toekomst heeft is derhalve juist – de voorbeeldlanden erkennen dat ook en herijken het beleid dienaangaande dan ook massaal.

Op de website van EenVandaag zegt Jeroen Hetzler: “Het zou veel beter, veel efficiënter en veel goedkoper zijn te investeren in een thoriumcentrale. Een dergelijke centrale zorgt er voor dat energie altijd voorradig is. Als we afhankelijk zijn van alleen maar wind- en zonne-energie is het maar de vraag of mijn toiletlampje het doet op elk gewenst moment.” 

‘Dit is wat mij betreft de meest opmerkelijke uitspraak in de uitzending. Nederland zou direct moeten investeren in de bouw van thoriumcentrales. De techniek van thoriumcentrales met gesmolten zout is echter nog in ontwikkeling en we kunnen op dit moment helemaal geen thoriumcentrales bouwen. Er is eerst nog veel onderzoek nodig. Volgens pleitbezorger van thoriumcentrales prof Kloosterman van de TU Delft zijn er nog technologische hordes te nemen en kan het nog wel enkele decennia duren voor er een werkende thoriumreactor bestaat. Over de kosten van een dergelijke reactor is voor zover ik weet nog weinig bekend.’

Wederom een semantische discussie. De ingenieur Hetzler heeft natuurlijk gelijk. Om te komen tot een goedkope, emissievrije, schaalbare en betrouwbare energie voorziening is Thorium bij uitstek velen malen beter geschikt dan weersafhankelijke stroom. Het licht aandoen omdat de zon schijnt of de droogmachine aanzetten omdat het waait is op zijn minst onhandig.

Thoriumcentrales zijn bovendien niet nieuw. In de jaren zestig heeft er in Amerika al eentje vijf jaar naar volle tevredenheid gedraaid. De kanttekening van professor Kloosterman gaat dan ook over de ontwikkeling van nieuwe materialen, die 50 jaar of langer risicoloos meegaan. Overigens een oplosbaar probleem omdat in de huidige ontwerpen de reactorvaten als Lego steentjes gewoon elke 5 jaar worden vervangen.

Dat Thorium centrales nog niet in de supermarkt bij de kassa liggen is evident. Tegelijkertijd zijn het juist China, India, Indonesië maar ook Noorwegen en Duitsland die daar wel vol op inzetten. Het eerste kleinschalige prototype Thorium centrale moet in 2021 operationeel zijn in Indonesië. Zelfs wanneer dat een decennium tegenvalt, is er niet zo veel aan de hand.

Er is geen enkele urgentie voor een energie transitie, hoe zeer de exploitanten van wind- en zonnestroom u anders willen doen laten geloven. Van CO2 wordt de wereld vooral groener http://bit.ly/1WSCx1m . In 2040 zal dan ook in de echte wereld het hernieuwbaar deel van de energie voorziening beperkt blijven tot circa 2,4%. Hoeveel windmolens wij in Nederland dan ook zouden plaatsen …

Hernieuwbaar 2040

De keuze waarmee Eenvandaag de kijker confronteert is dan ook de volgende; Gaan wij €64 miljard laten wegwaaien richting een beperkt aantal windenergie exploitanten (de leden van de NWEA) of gaan wij – zeg 10% van dat bedrag – investeren in elementair onderzoek & realisatie van de energievoorziening van de toekomst? Thorium. De €58 miljard die overblijft, kan dan worden ingezet in de zorg, onderwijs, veiligheid etc. of bij de belastingbetaler blijven.

Om in de terminologie van onze wind vrienden te blijven – blijven wij gratis geld van onze kinderen gebruiken om de exploitatie verliezen van fossiele windtechnologie te betalen? Met wind energie schuiven wij de rekening namelijk vooral door naar onze kinderen en kleinkinderen, zonder dat we daarmee een probleem oplossen. Stopt de subsidie, dan staat het windpark stil.

De stelling dat het veel beter, veel efficiënter en veel goedkoper zou zijn om te investeren in Thorium technologie is derhalve juist.

april 28th, 2016

Windturbines als schroot in het landschap

Deze bijdrage is eerder geplaatst in de LC van 28 April j.l.

In een Te Gast van 20 april j.l., plaatst Dhr. van Weperen een aantal kanttekeningen bij windenergie nav eerdere opmerkingen daarover van professor Pieter Lukkes.

Windparken draaien wel degelijk op subsidies, verder dragen zij indirect bij aan de toenemende CO2 uitstoot. Windparken worden ook niet goedkoper of beter, alleen maar duurder. Volgens de groene logica lijden de windparken geen verliezen, maar hebben zij enkel een structureel tekort aan subsidies.

Stopt de subsidie, dan staat het windpark nog enkel als schroot in het landschap. In Duitsland wachten er duizenden als oud ijzer op de sloper. In 2015 heeft Duitsland voor €5 miljard marktwaarde aan duurzame energie geproduceerd en heeft daar het vijfvoudige aan subsidies op toegelegd. Vandaar ook dat daar windenergie op land vanaf 2019 wordt afgebouwd.

Ondertussen stijgt de CO2 uitstoot in Duitsland sinds 2009 gewoon door met de toename van het hernieuwbaar groene stroom vermogen. Hoe meer weersafhankelijke stroom (wind en zon), hoe meer vermogen aan fossiele stand-by centrales. En dat gebeurt dan ook, er zijn recentelijk een drietal groot vermogen kolencentrales geopend. In Nederland is het niet anders. Sinds 2013 is de productie van windenergie met 35% gestegen en de CO2 uitstoot van fossiel back-up vermogen met zelfs meer dan dat (CBS, 2016).

Stijgende kosten Offshore +40%

Windenergie wordt ook niet goedkoper. Kostte een windturbine op zee in 2010 nog €1,5 miljoen per MegaWatt aan geplaatst vermogen, inmiddels is dat bij bv het Duitse windpark Bard1 al opgelopen naar €7,5 miljoen. Een vervijfvoudiging binnen een paar jaar. De 40% kostenreductie welke de minister beloofd heeft, is slechts cosmetisch. De aansluitkosten (zo’n 25% van de investering) zijn overgeheveld naar de netbeheerder TenneT en komen via die route terecht op de energienota.

De hoeveel stroom die windparken produceren door innovaties is ook al niet toegenomen. De productiefactor op zee is in 2015 zelfs gedaald van 37,5% naar 36%. Het waaide iets minder.

Al deze groene inspanningen hebben voor windstroom een kostenplaatje van €50 miljard (5 maal die van de Deltawerken, JSF en Betuwelijn tezamen). En leveren in 2100 volgens de Staatssecretaris wellicht uitstel op van de opwarming met wel 0,000045 graad Celsius. Wellicht ook niet. Zie Kamerstukken – hoger beroep Urgenda

Provinciale participatie in een windpark Frylân met €127 miljoen is dan ook gewoon een slecht plan. De financiering met belastinggeld van de ontwikkelingsfase (€7 miljoen) zo mogelijk nog slechter. Wanneer private partijen daar anders overdenken, moeten ze dat vooral zelf betalen en niet die rekening verstoppen in een blauwe enveloppe.

Nabrander: Vandaag werd bekend dat de firma Tennet met uw belastinggeld €329 miljoen aan Duitse windexploitanten heeft moeten betalen om géén windstroom te leveren. Het stroomnet kon het niet aan. Tennet betaalt €329 miljoen om géén windstroom te leveren

april 24th, 2016

Valse focus – offshore wind bespaart CO2 tegen €283,- per ton

Heel duurzaam Nederland wenst de CO2 uitstoot te verminderen want CO2 is een levensbedreigend geur- en reukloos gas, waar het klimaat van moeder Aarde van naar de klote gaat.

Dat de glastuinbouw met behulp van omgekeerde airco’s hun kassen vol spuiten met CO2 (onder de noemer ‘groene’ CO2, je bedenkt het niet) omdat de plantjes daar beter van groeien vertelt niemand. Dat de actievoerders van Greenpeace bij de nieuwe kolencentrale op de Maasvlakte niet allemaal bewusteloos zijn geraakt en aan het zuurstof zijn gezet, berust op toeval.

Iedereen die zich ook maar enigszins in de materie verdiept weet het. CO2 is géén milieuvervuiling, geen gif en de klimaatgevoeligheid voor CO2 is minder dan marginaal. Moeder Aarde weigert domweg serieus op te warmen door menselijke CO2 uitstoot, hoe graag we dat ook zouden willen. Maar de klimaatgekte gaat doorrr …

De Haag heeft bedacht dat het verminderen van CO2 het beste kan door voluit in te zetten op hernieuwbare energie, met name wind en zonnestroom. Dat je met weersafhankelijke energie géén baseload op het net kunt vervangen, kan ieder weldenkend mens ook zelfstandig bedenken.Het probleem is dan ook niet de productie van energie, maar de opslag daarvan en géén Tesla batterij komt ook maar in de buurt van wat nodig is.

De CO2 uitstoot in Duitsland, Denemarken en Nederland neemt dan ook alleen maar toe met de toename van wind- en zonnestroom (http://bit.ly/1YEEFsr). Een tender om back-up stroom in Engeland te garanderen werd nota bene gewonnen door de leverancier van dieselgeneratoren.

Maar laten we de groene gedachte eens volgen, dat met windenergie de uitstoot van CO2 vermeden wordt. Wat kost dan zo’n vermeden ton CO2 – me dunkt we willen toch met de beperkte middelen wel zoveel mogelijk CO2 vermijden? Nou, nee. Niet echt dus …

Men neme als voorbeeld het windpark Gemini ten noorden van Ameland & Schiermonnikoog. Het failliete Econcern met – Dhr E. Nijpels als commissaris – lag aan de grondslag daarvan. De curatoren van Econcern hebben recent nog een buitengewoon onaangename dagvaarding bezorgd op het bureau van onze borger van het energie akkoord, maar dat terzijde. Dhr. Loek Hermans heeft voor minder afscheid moeten nemen.

Gemini bestaat uit 600 MegaWatt aan wind vermogen en ontvangt daarvoor vanuit de SDE+ regeling jaarlijks grofweg €300 miljoen aan subsidies via uw energierekening. Volgens het CBS was de productiefactor voor wind op zee vorig jaar 36% – grofweg een derde van het windvermogen op zee kan worden geconverteerd naar stroom. Gemiddeld wordt er door klassieke energiecentrales 560 gram CO2 uitgestoten per kiloWattUur elektriciteit (Duitsland 2015).

Gemini produceert 600 Megawatt x 8760 uur per jaar x 36% = 1.892.160 MegaWattUur per jaar en vermijdt daarbij de uitstoot van 1.059.610 ton CO2. Met €300 miljoen subsidie jaarlijks wordt volgens de groene gedachte een hoop CO2 bespaard en wel tegen een kostprijs van €283,- per ton. Een zelfde reken-exercitie voor zon levert een kostprijs op van €174,- per ton vermeden CO2 uitstoot.

CO2 per ton

Alleen is de marktprijs van CO2 maar €5,-. Met €300 miljoen subsidie jaarlijks kan ik dus 56(!) keer meer CO2 van de markt halen, dan wanneer ik een offshore windpark bouw. En de doelstelling was toch minder CO2 en niet meer windstroom …