De wereld volgens Gert-Jaap…

Archive for oktober, 2009

Romanov

vrijdag, oktober 30th, 2009

Bewoners van de binnenstad klagen steen en been over het structurele gebrek aan parkeerplaatsen. Dat is niets nieuws, dat doen we met zijn allen al jaren. Zelfs wanneer de parkeerkelder Zaailand wel weer open is, missen we gewoon nog steeds 600 plaatsen. Alles onder het mom van ga maar fietsen, want dat is goed voor mij. Ik mag graag zelf uitmaken wat goed voor mij is én fietsen hoort daar niet bij. Trouwens ook voor mede weggebruikers is het gezonder wanneer ik niet fiets. U kunt het gegeven dat ik niet eens een fiets heb, gevoeglijk beschouwen als een sociaal gebaar naar de rest van de lokale maatschappij.

Wil je de binnenstad – en horeca – weer aantrekkelijk maken, zou je in ieder geval ’s avonds het betaald parkeren gewoon moeten afschaffen. Tegelijkertijd kun je de bewoners aan bijvoorbeeld de Eewal de mogelijkheid geven om – zonder bijbetaling – voortaan gebruik te maken van de parkeerkelder Hoeksterend. Die staat ’s avonds toch gewoon leeg, ’s nachts en ’s zondags zelfs gesloten.

Het argument dat ons College de opbrengsten niet kan missen, is geleuter. Die opbrengsten worden nu voor tal van oneigenlijke zaken misbruikt, waaronder fietsvoorzieningen. Waarom mijn parkeergeld gebruikt moet worden om lief te zijn voor fietsers is mij een raadsel, dan laat je die fietsers zelf maar parkeergeld betalen. Bovendien zijn de tarieven disproportioneel. In Parijs mag je – voor weinig – boven op het graf van Napoleon parkeren, je vraagt je af, welke Koninklijke hoogheid dan op de Eewal onder mijn auto ligt begraven. Gezien de hoogte van het tarief, moet het welhaast een Romanov zijn, die zich daar stilzwijgend heeft verstopt.

Zo mogen normale mensen niet in de buurt van de Grote Kerk parkeren. De hoogwaardigheidsbekleders die zo nodig aanwezig moesten zijn bij de inauguratie van onze burgemeester behoorden overduidelijk niet tot die categorie. De dienst audi’s van ons bestuur evenmin. So wie so geldt voor het politiek bestuur dat er wel regels zijn, maar dat die alleen voor anderen gelden. Zo heeft de de hogere macht – die ons College heet – vorige week besloten, dat onze burgervader ook dit jaar wederom geen last mag hebben van de fiscale bijtelling voor de dienstauto.

Het dienstvoiture kost een lieve duit (> €130.000,-) en dan wil je niet geconfronteerd worden met de bijdrage die het blauwe enveloppenkantoor daar jaarlijks bij wil hebben. Die is namelijk een nogal ongrappige €17.300 hoog … per jaar! en Dhr Crone krijgt die €17.300,- dus voortaan vergoed.

Tasje erbij – of gaat het zo mee?

Ik betaal niet alleen mijn eigen bijtelling, maar die van de burgemeester ook. Waarom? Kan ik de rekening voor mijn fiscale bijtelling voortaan ook naar het stadhuis doorsturen? De burgemeester verdient grofweg een ton per jaar en heeft nu een loonsverhoging van 17,3% bedongen. Hoezo crisis … we worden allemaal gewoon burgemeester. Crisis opgelost. De dekking voor dit liefdadigheidsdoel, zal wel weer gevonden zijn in de opbrengst parkeergelden. Dat verklaart dan weer een heleboel.

Quod licet Iovi non licet bovi

zondag, oktober 25th, 2009

De afgelopen week was er weer eens gedonder over de geluidsvergunningen ten behoeve van een paar kroegen, die eens in het jaar live muziek willen brengen. Niets nieuws onder de zon, dezelfde discussie hebben we vorig jaar ook al meegemaakt. Willen een paar enthousiastelingen eens aan een dood paard trekken om de zo gewenste reuring in de stad te brengen, wordt de decibelmeter weer opnieuw opgegraven en ge-re-her-ijkt. Om de haverklap staat er ergens een gettoblaster te toeteren, verhip, de decibelmeter is zoek. Wanneer je een vergunning vraagt, komt het apparaat spontaan boven drijven … hoe verrassend.

De 12 – maak maar zoveel lawaai als je wilt – dagen, waren op. So what, dan maak je daar maar een dagje meer van, maar nee, alles moet naar de filistijnen worden gereguleerd. Regels zijn er om te regelen en niet om juist iets niet te regelen. Wanneer iets dan niet binnen de kaders past, doek je die duurzame kaders maar even op. Al die regulatoren, die elkaar vooral erg lang – en erg appelig – staan aan te kijken, om te bedenken waarom iets niet kan, zouden zelf eens moeten toetreden tot het organiserend comité. Als de regels het niet toestaan, zou het ook zo maar zo kunnen zijn dat de regels foutief of – liever nog overbodig – zijn. Proactief duurzaam leuteren is niet zo spannend, proactief even pragmatisch de andere kant opkijken wel.

Een koe in een wei, voorzien van een dekkleedje met op de ene zijde ‘Saignant, Medium of Taai?’en op de andere zijde ‘Verserder wordt het vandaag niet’, mag ook al niet. De reclame bordjes aan lantaarnpalen voor één of ander auto-evenement moesten van het gezag worden verwijderd (ze waren geloof ik niet aangemeld, het evenement mislukte). Het reclamebeleid staat het niet toe – of whatever. Voor de gemeente zelf gelden andere regels – of wellicht juist wel dezelfde regels, maar dan procreatief alternatief geïnterpreteerd.

Wie vandaag de dag de dag de stad inrijdt, wordt geconfronteerd met nieuwe bordjes onder het bord ‘Leeuwarden, bebouwde kom’. Onder het bordje ‘Wolkom in us haadstêd’ (zie daar, het Ljouwerter Fryske taalbelied) hangt tegenwoordig het bordje ‘The city of watermanagement’. De vroegere bordjes ‘Kernwapen vrije gemeente’ zijn onderweg óf overbodig geworden óf gewoon gejat. The city of watermanagement … ? De nieuwe hype voorbij … and beyond.

Ik herinner mij nog een taalmotie van het voormalig SP raadslid Fashad Bashir. Die raadsbreed aangenomen motie, stelde dat we eens moesten ophouden met het ‘verengelsen’ van de toegepaste retoriek. Zie hier de uitkomst ‘The city of watermangement’. De gemeente maakt op de beste plaatsen van onze stad reclame voor haar eigen management. Het hebben van lef kun je het bestuur in ieder geval niet ontzeggen.

Zo er een wethouder is, wiens grootste ideaal het halen van de Hema naar Stiens was, zo wordt het ego van het lokale bestuurd bovenal gestreeld door het plaatsen van overbodige bordjes aan de stadsrand van Leeuwarden. Ik hoop wel dat de reflecterende bordjes gemaakt zijn van Cradle to Cradle materiaal, zo dat er ook enige zelfreflectie kan plaatsvinden.

Voor je het weet gaat er nog iemand roepen dat er ook nog bordjes met ‘Millennium gemeente’ of Ú nadert ‘Max Havelaar dorp’ tussen geschoven moeten worden. Dan zijn er ook nog bordjes te bedenken, dat Leeuwarden weer eens zustergemeente is van één of andere (derde-) wereldse uithoek. Dan is de ruimte trouwens ook wel op en wordt het tijd voor een herprioritering van de bordjes.

Wanneer we dan toch besloten hebben, Leeuwarden verder op de kaart te zetten, door met bordjes te gaan zwaaien, heb ik ook nog wel een meer rendabele suggestie. Wanneer je vanuit Leeuwarden naar Amsterdam wilt, moet je min of meer thuis al bedenken of je naar Amsterdam-Zuid of Noord wilt. Of de polderroute óf de afsluitdijk. Het omgekeerde geldt uiteraard ook. Motiveer de ANWB eens, om op de ringweg Amsterdam borden te plaatsen met Leeuwarden-Oost (A6) én Leeuwarden-Noord (A7). Daarmee breng je de ‘City of watermanagement’ in ieder geval optisch wel een stuk dichterbij.

Purple Spot

vrijdag, oktober 16th, 2009

Vorige week viel mijn oog op een stukje in de LC, waarin werd aangegeven dat er voor circa €20.000,- aan vernielingen waren aangebracht aan het Maxima schooltje in Zuiderburen. Meteen kwam het CDA in actie, daar moest wat aan gedaan worden … en dus komen er nu jongerenwerkers die volgens de methodiek buurtrelatiewerk(?) iets gaan doen.

Elk weldenkend mens zou zeggen, hekje dicht, Duitse herder er in, vrijdagmorgen voor het laatst voederen en dan maandagmorgen pas weer een blik Chappi over de schutting gooien. Ik heb het duistere vermoeden dat het probleem dan wel eens opgelost zou kunnen zijn.

Het nagelnieuwe wijkgebouw ernaast schijnt ook last te hebben van jongeren die het conceptuele verschil tussen mijn en dijn niet van huis uit helemaal hebben begrepen. Natuurlijk hadden er nooit senioren zorgwoningen boven de jeugddisco gebouwd moeten worden. Neemt omgekeerd niet weg, dat het gewoon héél laten van de spullen van een ander toch de norm zou mogen zijn. Misschien kunnen we de methodiek buurtrelatiewerk uitbreiden met een jongerenwerker die gewoon een politie uniform aanheeft. Al vaker heb ik aangegeven dat je de jeugdigen van anno nu, niet meer amuseert met het katholieke timmerclubje.

Wat anders. Wanneer je tegenwoordig Leeuwarden vanuit Heerenveen nadert is de toegestane  maximum snelheid een chaos. De omgekeerde weg trouwens ook. Je komt over de A32 netjes met 120 aangekacheld, waarna je vol in de ankers mag om het bordje 70 met gepaste snelheid te kunnen passeren. Wanneer je je daar aan houdt, kun je er op wachten dat je een keer een vrachtwagen in je nek tegenkomt. En die zijn nogal hard, komen door de kreukelzone heen, zeg maar.

Direct na de stoplichten (Wirdum) is het weer 100 Km, vervolgd door 70 Km bij de volgende stoplichten (Zuidlanden), daarna weer eens 80KM tot aan Goutum en dan linksaf (Algraweg) weer eens 100 Km. Chaos alom dus en onze gemotoriseerde vrienden met de gele hesjes maken er dankbaar gebruik van.

Zo reed ik zelf een aantal weken geleden op het stukje waar het bordje 80 verstopt stond, geheel onschuldig iets te hard. U kent de gebaartjes van de gele hesjes vast wel, constateren is schrijven. Ik werd keurig bij Goutum aan de kant gezet, waarbij oom agent mij het beginsel van de zogenaamde black spots uitlegde. Een black spot is een locatie waar het volstrekt onduidelijk is wat de toegestane maximum snelheid is en die genoeg verstopplaatsen kent voor het laser gebeuren van de gele hesjes. Eerst het boete quotum halen en pas dan aan de koffie. Je kunt strikt genomen maar beter spreken van een purple spot, de huiskleur van het CJIB.

Enfin, komt de bekeuring van het CJIB binnen, staat daar tegenwoordig administratiekosten bij opgeteld. Het CJIB berekent de administratiekosten door. Straks wordt zeker ook de OZB rekening verhoogd met administratiekosten of de rekening hondenbelasting. Ik vraag mij af, wat er gaat gebeuren wanneer ik mijn administratiekosten eens in mindering zou gaan brengen op de boete van het CJIB. Het bijhouden van die administratie kost al meer dan die hele boete. Strikt genomen heb ik nu een vordering op het boete kantoor. We gaan het meemaken.

Die vordering zal ik dan wel moeten uitbesteden aan een incassobureau, want vrijwillig komt er nooit iets uit de richting van de Tesselschadestraat. Nu is het CJIB op zich zelf een publiek incassobureau, wellicht is het een idee om mijn vordering aan dat CJIB zelf uit te besteden. Dan houden de raambtenaren 2.0 elkaar bezig en zolang ze met elkaar bezig zijn, laten ze mij met rust.

Momenteel wordt er gesproken over het verhogen van de AOW gerechtigde leeftijd, maar ik ben er voorstander van om de AOW leeftijd voor raambtenaren 2.0 te verlagen. Bijvoorbeeld naar … doe eens wild … 45 jaar. Dat is de enige manier waarop je ervan af komt en geld kosten doet het toch al.

Misschien is overall een suggestie om van het schooltje in Zuiderburen een black spot te maken, dan kan oom agent zich daar verstoppen om de welwillende jeugd te monitoren. Mag hij zonder quotum direct door naar de koffie.

Competenties

zaterdag, oktober 10th, 2009

Wanneer ik constateer dat er een enorm gat is tussen wat IT ondernemers van onderwijsinstellingen vragen en hetgeen de MBO’s afleveren, denk je nog niets nieuws te vertellen. Helaas. Sinds het begin van dit millennium is de kwaliteit van de stagiaires, die geacht worden het stokje mettertijd over te gaan nemen, tot een onroerend dieptepunt gedaald. De introductie binnen de MBO instellingen van het zogenaamde ‘competentiegericht onderwijs’ wordt door die onderwijsinstellingen misbruikt als een vlucht naar voren, waarbij vakinhoudelijke competenties onderweg verloren zijn gegaan. Tegelijkertijd zitten die MBO’s zelf nog in een ontkenningsfase, een enkeling daargelaten.

Zelfs de meest elementaire sociale vaardigheden zijn vaak al verloren gegaan. Inpandig mag je best je petje afzetten, de huur is betaald en het pand is wind- en waterdicht. Het gegeven dat we geen dresscode hebben, wil nog niet zeggen dat je je niet hoeft aan te kleden. Nee, ik wil niet weten waar je nog meer piercings hebt. Na het laten aanrukken van de stage coördinator begreep ik direct waar de stagiaire die competentie had geleerd. Het kan niet de bedoeling zijn dat de andere kant eerst op de display moet kijken om te verifiëren of hij wel of geen telefonische verbinding heeft. Slechts een paar voorbeelden.

De antwoorden die op deze voorbeelden gegeven worden door het onderwijsveld zijn evenzeer symptomatisch. Onze perceptie is een andere. Wanneer wij met ondernemers praten laten zij ons weten dat we niet meer hoeven op te leiden, dat doen zij zelf wel. Alsof er niemand op het idee komt, dat die ondernemers het onderweg gewoon hebben opgegeven. Hallo daar, de B in de afkorting MBO staat toch voor Beroeps, of is onderweg daar abusievelijk een andere betekenis aan gegeven. Nog zo ééntje; de ondernemers kennen onze eindexamentermen niet. Dat is wel een complete omkering van verantwoordelijkheden. De school hoort op te leiden voor iets wat het bedrijfsleven wél begrijpt en het kan niet zo zijn, dat we nu de ondernemers in een klasje gaan zetten om te leren hoe het onderwijsveld het wenst te omschrijven. De school wordt geacht op te leiden voor wat de markt vraagt en niet omgekeerd.

Ook het politieke metier heeft in de oplossing van de geconstateerde omissies haar rol. Ik wil niemand beledigen, maar als ik dat wel doe, het zij zo. De ambtenarij blijft steken in breed gedragen onafhankelijke onderzoeken naar wat de markt vraagt. De onderzoeksbureaus liggen nog steeds schuimbekkend van het lachen onder het bureau. Dat onderzoek hebben we 2001, 2003 en 2006 al uitgevoerd. Zoek en vervang datum, nieuwe kleur plastikje voor en achter en o ja, vergeet de factuur niet verzenden. Het meest recente onderzoek dienaangaande zal wel op de rest van de stapel links onderin gelegd zijn. Voor degenen die het niet kunnen vinden, ik doe het u graag toekomen. (Ecabo 2006).

Zo je de scholen kunt vergelijken met een pot stroop, houd hem op zijn kop en langzaam, héél langzaam – komt er wat uit. Zo kun je de ambtenarij vergelijken met een pot slechte kwaliteit pindakaas. Je moet de pot er omheen wegslaan, om de kans te kopen, je mes überhaupt terug te krijgen. Het denken in bedreigingen in plaats van kansen, is langzamerhand verheven tot levensstijl. Het toevoegen van een dergelijke zinsnede aan de disclaimer van een vorstelijk aantal Rijks- en Provinciale ambtenaren zou daar een hoop werk kunnen schelen. Ik zal er wel geen vliegen mee vangen, het is niet anders. De viscositeit van het ambtelijk apparaat is gezonken tot dat van een blok beton. Overigens het gemeentelijk apparaat uitgezonderd, dat mag ook wel eens gezegd worden.

De MBO’s gaan er nu prat op, dat er zoveel leerlingen doorstromen naar het HBO. Dat dát wellicht komt omdat de leerlingen binnen het MBO niets meer leren, daar wordt volstrekt aan voorbij gegaan. Omgekeerd worden werkgevers gedwongen om hun talenten van het HBO te halen en zie daar – de inflatie van het diploma verklaard. En zo gaan er jaarlijks honderden MBO-4 leerlingen verloren, leerlingen die zelf graag willen maar vakinhoudelijk onvoldoende input krijgen. Er valt veel voor te zeggen niet de leerlingen op stage te sturen maar het docentenkorps. Het is geen vijf voor 12 of 12 uur. Het is kwart over één.

Gelukkig zijn er wel initiatieven om het tij te keren, gelukkig zijn er MBO instellingen en nog een paar enthousiaste leerkrachten, die wel inzien wat er bedoeld wordt. Gelukkig zijn er ook nog IT ondernemers die wel vooruit willen in de vaart der volkeren. En of ik nou loop te trekken aan een dood paard, ik blijf duwen, trekken en sjouwen, net zolang tot die knol wel in beweging komt. Dan maar volgens de methode Ulz. Kort door bocht, nuanceren kunnen grote mensen zelf wel, daar hebben ze mij niet voor nodig.

De cursus

zondag, oktober 4th, 2009

Al vaker heb ik het gebruik van open source software gepropagandeerd. Niet omdat in de publieke opinie open source software gratis zou zijn. Open source is niet gratis, het is hoogstens nogal veel goedkoper. Open source software zou breed gebruikt moeten worden, omdat het gebruik van open standaarden min of meer een garantie oplevert voor de leesbaarheid van de geproduceerde documenten. Ook over enige decennia. Verder levert het de mogelijkheid op, om manco’s in de onderliggende code te herkennen en te (laten) verbeteren.

Zo werd enkele jaren geleden de provinciale financiële administratie nog bewaard op microfiches. Om deze microfiches te kunnen lezen heb je logischerwijze een microfiche leesapparaat nodig. Met veel pijn en moeite kon er toentertijd van een drietal defecte apparaten nog ééntje samengesteld worden, die het nog wel deed, eventjes. De latere opslag op floppydisks is een vergelijkbaar lot beschoren.

Om het medium later te kunnen lezen is niet alleen opslag van dat medium in de kluis noodzakelijk, maar ook het bijbehorende leesapparaat. Weest derhalve zuinig op uw oude CD speler, zeg maar. Het terug kunnen lezen van documenten van vóór de millenniumwissel is langzamerhand een uiterst lucratieve commerciële tak van sport geworden. Er waren geen open standaarden en de standaarden die er nu wel zijn worden lang niet altijd nageleefd. Microsoft past de open standaard een beetje aan en heeft dan de Microsoft open standaard, zeg maar. Er is geen enkele aanleiding om aan te nemen dat dát in de toekomst anders gaat worden.

Zo had de gemeente Leeuwarden afgelopen zomer een aanbesteding lopen voor een ‘open source’ of ‘gesloten source’ content managment systeem (CMS). Voor niet ingewijden, het betreft een stukje software waarmee de website kan worden bijgehouden. Op het grote boze Internet kun je met een paar muisklikken kiezen uit enige tientallen ‘open source’ CMS’en, maar de gemeente Leeuwarden ging aanbesteden. Als één van de aanbestedingseisen stond verhuld genoemd de obligate inter-comptabiliteit met IIS en MS SQL. Internet Information Services en Microsoft System Query Language. Het content managment systeem moet wel blind kunnen samenwerken met de rest uit de Microsoft doos. Thuis heb ik outlook e-mail, dus dat wil ik bij de gemeente ook. Dat een CMS en outlook van een onvergelijkbare grootheid zijn, wil maar niet doordringen. De uiteindelijke – dure – keuze laat zich raden.

Men opteert vrijwillig voor de zogenaamde vendor lockin. Een klein recent voorbeeldje hoe deze vendor zich gedraagt jegens haar klanten: De volautomatische update procedure van deze fabrikant waarschuwde de afgelopen maanden dat er een nieuwe update geïnstalleerd moest worden voor de in gebruik zijnde Office software. High Risk, voer de update nu uit flikkert er in rode letters over het scherm. Vrijwel iedereen klikt de checkbox aan zonder de licentievoorwaarden te lezen en daar gaat de beroemde blauwe balk weer.

Geniune advantage update … ehhh …. Waar zit mijn advantage dan? Onze vrienden van Microsoft hebben zojuist de al dan niet legitimiteit van uw Office software vastgesteld … en de rest. Om de licentiestructuur van Microsoft te kunnen doorgronden, heeft u een halve universitaire opleiding nodig. Microsoft zélf kan al niet bepalen of de in gebruik zijnde software al dan niet legaal is. Vrijwel immer volstrekt onterecht wordt de gebruiker geconfronteerd met min of meer beledigende teksten op het scherm, waarbij het legaal gebruik van die Office software op zijn minst in twijfel wordt getrokken. Bij diverse overheden zal er wel tipp-ex gebruikt worden om die mededeling op het scherm weg te poetsen.

Wanneer je nou met alle geweld de verplichting vanuit Den Haag en Brussel om over te gaan op open source software, naast je neer wil leggen, kom daar dan gewoon ruiterlijk voor uit. Wanneer de desicionmakers, eerst nog een cursus ‘fiction and facts around and about open source’ willen genieten, is ook dat te organiseren. Door – als gemeentelijke overheid – een structurele en principiële keuze te maken voor open source en daarmee open standaarden, kun je een vermogen verdienen. Ook in de toekomst. De obligate cursus waarbij uitgelegd wordt aan de eindgebruiker, dat het icoontje een andere kleur heeft, weegt daar nogal riant tegen op.

De oude lessen voor de toekomst

vrijdag, oktober 2nd, 2009

De winkeliers in de binnenstad hebben het moeilijk. Nu worden die ondernemers vaak vergeleken met de boeren, er valt altijd wel wat te klagen. En dat is ook zo, als er niets te klagen valt, dan bedenken we wel wat. Maar de stille armoede onder onze kruideniers verdient wel wat meer aandacht en liever nog, oplossingen. De typering van Agnes Jongerius dat ondernemers tuig van de richel zijn, moet je maar beschouwen als een laatste stuiptrekking van Agnes. Die heeft mij niet meer nodig om zichzelf te elimineren.

Steeds meer winkeliers geven het op met als leegstand in het winkelhart van Leeuwarden als gevolg. Het College heeft zich tot doel gesteld om het winkelgebied van Leeuwarden tot het mooiste van Nederland te maken en heeft daar ook serieuze budgetten voor. Ambitie is mooi, maar de vraag beantwoorden, hoe heeft het zover kunnen komen, is mooier. In het land waar de piquet paaltjes zijn gezet, noemen ze dat lessons learned.

Als eerste, om van een winkel te kunnen leven, moet je er wel kunnen komen en ook niet totaal onbelangrijk – er ook weer weg kunnen komen. Momenteel is de binnenstad één grote bouwput – we zullen er met zijn allen even doorheen moeten – maar in de zomer lagen die bouwputten er stuk voor stuk ernstig stil bij. We kunnen grofweg vier weken per jaar in de zomer met mooi weer  bouwen en wat gaan we doen … met bouwvak. Ga dan gewoon met wintersport en timmer in de zomervakantie versneld door. Zou zo maar de pijn wat kunnen verlichten.

Om één of andere merkwaardige reden, is het om de paar jaar raak. Ik kan mij nog de aanleg van het riool op de Nieuwestad herinneren met aansluitend het echec met de Chinese keitjes. Herinrichting Nauw, aanleg bierkelder, herinrichting beursplein – een keer of drie. Bij de lopende aanpassing van de Heliconweg was iemand zelfs wel ergens mee begonnen, maar bleek het hele werk nog niet aanbesteed te zijn. Er was in ieder geval niemand om het af te maken, dus werd het sleufje weer dichtgegooid. (Er was trouwens een Internet touwtje geraakt, zodat de heel de Tesselschadestraat vervroegd naar huis kon). Tot zover het gemeentelijke credo ‘werk met werk’ maken. We maken inderdaad werk, maar wanneer houden we daar nou eens mee op. Wanneer is Leeuwarden dan wel af?

De binnenstad is met een scala aan maatregelen volstrekt onbereikbaar – en daarmee onaantrekkelijk – gemaakt. Alles onder het mom van straks gaat het beter als de Haak om Leeuwarden af is, het aquaduct onder het van Harinxmakanaal af is, de westelijke invalsweg af is en zo zijn er nog wat jaar-overstijgende projecten. Maar die zijn niet af, er is nog niet eens mee begonnen. In plaats van beginnen met het afsluiten van de binnenstad, moet je daar mee eindigen – of niet natuurlijk. Maar goed dat is slechts één deel van het probleem.

Het tweede deel is het toestaan van detailhandel op de Centrale. Daar zou geen horeca komen, dus zit er nu een broodjeshuis. Daar zou geen Blokker komen, daar zou geen Action komen. Dus rijdt iedereen naar het gratis (nog wel) parkeerterrein van de Centrale. De bezoekers van de Centrale zouden daarna het stadscentrum ingaan …. hoe dan? De ontwikkeling van een nieuw Cambuurstadion bij het WTC gaat alleen lukken met detailhandel onder de tribunes. De onrendabele top moet eraf, zoals dat eufemistisch genoemd wordt. Het zal daar precies hetzelfde gaan als met de ontwikkeling van de Centrale. In plaats van één groot gratis parkeerterrein aan de linkerzijde van de rondweg, hebben we er ook nog één aan de rechterzijde van die rondweg. De kruidenier in het centrum van de stad zit precies in het midden … voor hoelang nog?

Wie ’s avonds eens door het stadscentrum loopt, moet zijn (of haar) uiterste best doen om op de 1e verdieping zo nu en dan een brandend lampje te vinden. Er woont geen mens meer in het winkelgebied, terwijl de bovenverdiepingen van nogal veel winkelpanden leeg staan … te staan. De winkeliers staan niet te juichen om de bovenverdieping te verhuren en de huurders de sleutel van de winkel te geven om überhaupt boven te kunnen komen. Tegelijkertijd staan diezelfde winkeliers ook niet vooraan om een tweetal strekkende meter etalage ruimte af te staan om een eigen opgang te creëren. Die twee strekkende meter zijn namelijk by far de duurste meters van het hele pand.

Wil je van Leeuwarden het mooiste winkelgebied van Nederland maken, zou je bovenstaand in je overweging eens mee moeten nemen. Gebruik de budgetten om een deel van die etalage te kopen, zodat wonen in het centrum weer mogelijk – en aantrekkelijk wordt. Zorg dat bewoners – en klanten er kunnen komen – en ook weer vandaan kunnen komen. Het mooiste centrum van Nederland, ik vind het een loffelijke ambitie en zal ook zeker waar mogelijk daar positief aan bijdragen. Laten we in dat kader de eerdere lessen voor de toekomst dan ook even afstoffen.