De wereld volgens Gert-Jaap…

Archive for the ‘Wat heeft het gekost ?’ Category

€37,7 miljard voor 1,43% extra duurzame energie. Het energieakkoord als duurzaam fiasco.

maandag, juni 12th, 2017

Bij het afsluiten van het beroemde – zo niet beruchte – energieakkoord werd een doelstelling van 14% duurzame energie afgesproken in 2020. En doorlopend naar 16% in 2023. Dat energieakkoord is een gedrocht van de bovenste plank, feitelijk is het een akkoord onder de subsidie ontvangers over hoe het belastinggeld verdeeld gaat worden.

Die belastingbetaler zelf heeft nooit aan tafel gezeten en dat akkoord is zelfs nooit ter stemming aangeboden aan de leden der Tweede Kamer. Er is bijvoorbeeld dan ook nooit een ordentelijke kosten/baten analyse gemaakt. Wat gaat het kosten en hoeveel duurzame energie krijg ik daar dan voor? De algemene Rekenkamer heeft in 2015 een poging gewaagd en kwam op een schokkende €73 miljard uit http://bit.ly/1NQYqvR. Andere berekeningen komen uit op meer dan €100 miljard tot en met 2020. Dan hebben we het al snel over meer dan €12.000 per huishouden!

We zijn nu een paar jaar verder en inmiddels is er voor €37,7 miljard aan SDE+ subsidies beschikbaar gesteld. Uiteraard zit er tijd tussen het afgeven van de SDE+ beschikking en het realiseren van het duurzame energieplan. Dat kan zomaar oplopen tot een paar jaar. Om in 2020 de duurzame energie doelstelling van 14% te halen, moeten de daarbij behorende beschikkingen dit jaar wel ongeveer worden verstrekt. De subsidies die in 2018 en verder worden verstrekt dragen bij aan de doelstelling van 16% in 2023.

Weten we dan ook, hoeveel procent duurzame energie er in 2020 wordt opgewekt met die €37,7 miljard aan toegezegde subsidies? Het antwoord op die vraag komt van het ministerie van Economische Zaken en staat (verstopt) in de ‘nadere memorie van antwoord goedkeuring Parijs’ aan de leden der Eerste Kamer http://bit.ly/2rmtcD9. Die memorie van antwoord is overigens een litanie aan klimaat mallotigheid, maar dat terzijde. Relevant hier is het volgende citaat;

Pagina 4: Het bruto finaal eindverbruik bedroeg 2076 PJ in 2015 en zal volgens de Nationale Energieverkenning 2016 de komende jaren dalen naar 2047 PJ in 2020. Als alle projecten die nog in ontwikkeling zijn en waarvoor tot en met de najaarsronde 2016 een subsidiebeschikking is afgegeven volledig worden gerealiseerd, exclusief de tenders wind op zee, komt de subsidiabele energieproductie op circa 129 PJ in 2020. De verwachting is dat niet alle projecten volledig gerealiseerd worden, waardoor de bijdrage van de huidige projecten naar verwachting uitkomt op circa 102 PJ in 2020. Indien de windparken op zee in het gebied Borssele begin 2020 gereed zijn produceren deze circa 24 PJ in 2020.

Het energieverbruik zal dus volgens de staatssecretaris Sharon Dijksma in 2020 dalen naar 2047PJ. Dat lijkt mij rijkelijk optimistisch omdat de autonome groei van de vraag naar energie alleen maar zal toenemen en de gewenste energie besparing niet van de grond komt. Maar laten we eens uitgaan van die 2047 PJ. In 2020 komt het duurzaam geproduceerde deel daarvan uit op 126PJ, inclusief de windparken op zee. Dat is 6,15% en bij lange na geen 14% !!

Heeft die €37,7 miljard dan 6,15% aan duurzame energie opgeleverd. Nou, nee. Niet echt. We zijn in 2012 begonnen met 4,72%. Die €37,7 miljard heeft dus 1,43% extra duurzame energie opgeleverd in 2020 – in het meest optimistische scenario. Laat die maar even indalen – €37,7 miljard voor 1,43% duurzame energie … €4.700,- per huishouden voor 1,43% …

Laten we het energieakkoord nou eens benoemen voor wat het is. Een fenomenale inkomensoverdracht zonder duurzaam energie resultaat met nul klimaat resultaat. Een duurzaam fiasco.

De Duitse Energiewende – honderden miljarden armer, nul CO2 resultaat

donderdag, februari 2nd, 2017

Zoals ik al eerder constateerde is de Duitse Energiewende een kostbaar fiasco – http://bit.ly/2kUMBft. De Duitse consument mocht sinds 2000 een slordige €188 miljard betalen voor hernieuwbare stroom zonder dat de CO2 uitstoot van die stroom productie afnam. De jaarlijkse rekening van die Energiewende zal ook de komende jaren al snel zo’n €30 miljard per jaar bedragen – zonder CO2 resultaat.

De groene adepten – ook in Nederland – schreeuwen moord en brand. Immers wanneer wind- & zonnestroom geen bijdrage leveren aan de CO2 reductie doelstelling, raakt dat direct aan het verdienmodel van deze beroepsgroep.

Ook in Nederland is er sinds 2012 inmiddels €25,7 miljard voor hernieuwbare energieplannen toegezegd. Het percentage duurzame energie neemt daarmee toe van 4,79% naar 6,10% (Kamerbrief stand van zaken hernieuwbare energie, 27 januari 2017 http://bit.ly/2kUSb1F). De CO2 uitstoot annex met de stroom productie, steeg in Nederland gedurende de periode 2012 t/m 2015 van 8,5 miljoen ton naar 13,5 miljoen ton. Terwijl over diezelfde periode wel de hoeveelheid windstroom toenam met 2,5 Twh. Blijkbaar leidt een toename van hernieuwbare stroom ook in Nederland niet per definitie tot lagere CO2 emissies. Waarom niet?

Meer weersafhankelijke stroom leidt tot meer CO2 uitstoot

Voor Duitsland – als voorbeeldland – zijn de cijfers voor stroom gerelateerde CO2 emissies bekend. Evenals de productie van fossiele-, kern- en hernieuwbare stroom in TWh sinds 2000. De CO2 emissies sinds 2000 kunnen we vinden bij het Duitse CBS (http://bit.ly/2ktmTOt). 2016 is daarin nog niet verwerkt, maar de CO2 emissies bedroegen 307 Mton.

Sinds 1990 zijn weliswaar de CO2 emissies afgenomen met 16%. Maar sinds de introductie van de Erneuerbare Energie Gesetz (EEG) in 2000 – zeg maar het begin van de Energiewende – namen de cumulatieve CO2 emissies maar af met 20Mton. Dat is 0,36% van de totale CO2 emissie sinds 2000. Een afrondingsverschil. Tegelijkertijd nam de productie van hernieuwbare stroom varianten toe van 38 TWh naar 191 TWh – een vervijfvoudiging(!).

De totalen aan stroom productie – gesplitst naar energie drager – sinds 2000 vinden we ook bij het Duitse CBS (http://bit.ly/2k2ZbI7).

De totale fossiele stroom productie is niet afgenomen maar toegenomen(!) met 2,4% van 369 TWh (2000) naar 378 TWh (2016). Bruinkool plus 7 TWh, Steenkool minus 33 TWh en aardgas plus 30 TWh.

Het is dus niet zo raar dat de Duitse stroom gerelateerde CO2 uitstoot amper is afgenomen, de hoeveelheid fossiel opgewekte stroom is toegenomen met een kleine verschuiving van steenkool naar aardgas. Dat meerdere aardgas wordt overigens geïmporteerd uit Rusland, dat terzijde.

Maar hoe zit het dan met die toename van hernieuwbaar en het afstappen van kern energie? De hoeveelheid hernieuwbaar opgewekte stroom bedraagt per 2016 191 TWH en de hoeveelheid atoom stroom is gehalveerd naar 85 TWh.

Blijkbaar vervangt CO2 vrije hernieuwbare stroom CO2 vrije atoomstroom maar geen fossiel opgewekte stroom. Daarmee gaat logischerwijze de Duitse stroom gerelateerde CO2 uitstoot niet omlaag.

Sterker nog, er ontstaat een surplus aan hernieuwbare stroom van 68 TWh waar Duitsland geen andere emplooi voor heeft dan export. Bij een surplus aan stroom zonder dat de vraag toeneemt dalen de marktprijzen. En dat is dan ook precies wat er in Duitsland & Nederland gebeurt. Waarom het ECN stijgende marktprijzen voor stroom voorspelt is mij een raadsel. Ze dalen al meer dan een decennia en dat zal nog wel even doorgaan.

Het surplus aan Duitse hernieuwbare stroom – in 2016 grofweg 50 TWh – is geëxporteerd voor grosso modo €2 miljard. Alleen heeft de Duitse belasting betaler daar wel een slordige €6,7 miljard aan groene subsidies op toegelegd. Zo’n 27% van de totale EEG (SDE+) uitgaven. Met recht een duurzame businesscase.

De hernieuwbare stroom productie bedroeg over 2016 circa 29% van de totale stroom productie, waarvan 21,5% voor binnenlands gebruik. Je kunt niet straffeloos baseload (waaronder kernenergie) vervangen door weersafhankelijke wind- & zonnestroom. Om het net stabiel te houden moet er steeds vaker worden ingegrepen. Duitsland nadert daarbij de kritische grens. Bovendien willen onze Duitse vrienden ook graag stroom wanneer het niet waait of donker is.

En wat subsidieert de Duitse belasting betaler per duurzaam opgewekte MWu – ook dat is af te leiden vanuit de hernieuwbare productie cijfers en het jaarbericht van het Duitse Bundesministerium für Wirtshaft und Energie.

Concluderend;

Door de Duitse Energiewende neemt de fossiele stroom productie niet af maar zelfs (licht) toe. De stroom gerelateerde CO2 uitstoot neemt weliswaar licht af door een kleine verschuiving van steenkool naar gas. De toename van wind- & zonnestroom heeft weliswaar de afbouw van kerncentrales gecompenseerd maar dat is eigenlijk voor de stabiliteit van het netwerk niet veel langer houdbaar.

Het surplus aan weersafhankelijke stroom varianten (met name wind- & zonnestroom) is met €6,7 miljard aan subsidies gedumpt in de buurlanden. Belastinggeld als export product is kwalijk duurzaam houdbaar te noemen.

De Duitse Energiewende is volledig ontspoort, onhoudbaar en onbetaalbaar geworden. Vandaar ook dat de Duitse regering er – het liefst zonder gezichtsverlies – van af wil.

De volgende grafiek legt de pijnpunten van de Energiewende feilloos weer – de kosten ontploffen en het CO2 resultaat is er niet of nauwelijks. Het verschil tussen hernieuwbare productie en de cumulatief uitbetaalde EEG subsidie geeft de imploderende marktprijs weer.

Nu de marktprijs vrijwel nihil is en de EEG een garantieprijs van €200,- per Mwh afgeeft, moet vrijwel heel de hernieuwbare productie betaalt worden door de Duitse belasting betaler. Logisch dat die niet langer staat te juichen bij het groene dictaat.

 

Berlin, you have got a problem. De Energiewende

woensdag, januari 25th, 2017

Zo langzamerhand komt men in Duitsland achter het falen van de zogenaamde Energiewende. De coalitie van CSU en SPD zoekt wanhopig naar manieren om er zonder gezichtsverlies vanaf te komen.

Met uitzondering van Nederland/België zijn er geen landen die het voorbeeld van die Energiewende volgen. Frankrijk roept nog wel het één en ander, maar inhoudelijk doen zij amper iets, het Verenigd Koninkrijk is er lang mee gestopt. Om over Amerika maar te zwijgen, daar wordt in sneltreinvaart het groene gedachtegoed van Dhr. Obama ontmanteld.

Nu bestaat die Energiewende uit veel meer dan een transitie van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare bronnen. Ook bijvoorbeeld één miljoen elektrische auto’s valt daaronder. De brochures over die elektrische auto’s zien er fantastisch uit. In werkelijkheid kijkt de Duitse auto industrie de andere kant op, de consument laat het afweten. Zie http://bit.ly/2jdRMSB

Zie ook de documentaire van de Duitse publieke omroep (ARD) – Das Märchen von der Elektro-Mobilität http://bit.ly/1Mpl7TW. Het gegeven alleen al dat na jaren eindelijk ook de publieke omroep in Duitsland eens kijkt naar de resultaten van het groene gedachtegoed, stemt hoopgevend.

Maar laten we eens kijken naar de resultaten van de Energiewende van onze Oosterburen, daar waar het de transitie naar de hernieuwbare energiebronnen wind- & zon betreft. De doelstelling luidt immers minder CO2 – deels te realiseren door fossiele brandstof te vervangen door windparken en zonneweides. En dat mag wat kosten, maar wat dan precies?

Bij het Duitse CBS kunnen we vinden wat de CO2 uitstoot – gerelateerd aan de elektriciteitsproductie – was sinds 1990. Die CO2 uitstoot over 2016 staat nog niet vermeld, maar is inmiddels wel bekend. Namelijk 307 miljoen ton, een daling van 1,6% ten opzichte van 2015.

We nemen als startjaar het jaar 2000 omdat vanaf dat jaar de productiecijfers van wind en zonnestroom goed bekend zijn (het begin van de Energiewende). Wat is derhalve de bespaarde CO2 uitstoot sinds 2000? Direct in 2001 is die al negatief, de elektriciteit gerelateerde CO2 uitstoot nam toe. Naar 336 Miljoen ton. Over de periode 2000 – 2016 is de cumulatieve besparing aan CO2 in totaal maar 20 miljoen ton. Dat is eigenlijk een afrondingsverschil.

Jaarlijks brengt het Bundesministerium für Wirschaft & Energie een rapportage uit over de stand van de Energiewende. De meest recente is ‘EEG in Zahlen: Vergütungen, Differenzkosten und EEG-Umlage 2000 bis 2017‘. U vindt die rapportage hier – http://bit.ly/2ksAYZ7. Daarin kunnen we terug vinden wat de productie in TeraWattUur is geweest sinds het jaar 2000 aan wind- en zonnestroom.

Plotten we de CO2 uitstoot over de periode sinds 2000 in een grafiekje samen met de productie aan wind- en zonnestroom, dan krijgen we de volgende grafiek;

De hoeveel wind- en zonnestroom bereikte in 2015 een hoogtepunt met 118 TeraWattUur en nam in 2016 nota bene af met 2,4 tWh. Ondanks de toename van het aantal windturbines en in veel mindere mate het aantal zonneweides, was het blijkbaar een slecht wind jaar.

We kunnen in ieder geval de conclusie trekken dat wind- en zonnestroom geen fossiel opgewekte stroom vervangt. Weersafhankelijke stroom kan ook geen baseload vervangen, immers zodra het niet waait zouden onze Duitse vrienden in het donker en de kou zitten.

Die wind en zonnestroom productie is dan ook niets anders dan extra aanbod en bij extra aanbod zonder toenemende vraag, daalt de marktprijs. Soms tot zelfs negatief. En dat is dan ook precies wat er gebeurt in Duitsland. Omdat de EEG werkt met garantie bedragen, wordt bij een dalende marktprijs het bedrag wat de consument aan ‘opslag duurzame energie’ moet bij betalen ook steeds hoger. Inmiddels moet de Duitse consument voor elke euro aan stroom er €3,27 aan subsidie bijleggen.

Elke € stroom kost €3,27 aan subsidie

Over de periode 2000 – 2016 zijn die subsidies voor alleen(!) wind- & zonnestroom geëxplodeerd van €0,5 miljard naar €21,0 miljard per jaar. Over de periode 2000 – 2016 heeft dit deel van de #Energiewende inmiddels €138 miljard gekost en daar komt de komende paar jaar nog wel grofweg €25,0 miljard per jaar bij.

Wanneer we die €138 miljard afzetten tegen de cumulatief bespaarde CO2 over dezelfde periode, dan heeft elke bespaarde ton CO2 het respectabele bedrag van €6.891,- per ton gekost. De marktwaarde daarvan binnen het ETS is momenteel €5,-.

Zie hier waarom de Duitse Energiewende van alles is, behalve duurzaam. Berlin, you have got a problem.

Hoe duurzame plannen rollen – Tom Poes & de Salami tactiek

zaterdag, november 5th, 2016

Een voormalig CDA politicus in een kleine gemeente wilde welwillend meehelpen de wereld te redden en besloot een zonneweide te ontwikkelen & exploiteren. Een stuk braakliggend grond op een industrieterrein leek daarvoor het meest geschikt.

Logischerwijze werd er begonnen met het ‘business plan’ om te kunnen bepalen of zoiets rendabel zou kunnen zijn. Dat bleek niet het geval zonder subsidie en aldus werd er een SDE+ subsidie aangevraagd en verkregen. Maar ook met die SDE+ subsidie en een enthousiast dicht gesmeerde business case bleek het niet mogelijk om ons zonnepark gefinancierd te krijgen.

De hulp van Tom Poes was nodig, verzin een list! En zo geschiedde. Wel meer listen dan slechts één. Uiteraard werd begonnen met de nodige groene kretologie, u kent het wel. Groen, de wereld vergaat, draagvlak, van onderen op, fair Trade, coöperatie, werkgelegenheid, slim en zo werd de brochure verder duurzaam ingekleurd. Maar ja, praatjes vullen geen gaatjes. Hoe duurzaam innovatief eerlijk klimaatneutraal ze ook zijn.

Aldus werd het Provinciaal duurzaam investeringsfonds bijgeschakeld. De ‘gratis geld’ pot van de groene adepten op Provinciaal niveau. Bedenk daarbij dat de eerste doelstelling van overheids (provinciale) subsidie regelingen is, om het geld kwijt te raken. Anders is immers de subsidieregeling mislukt, het beoogde doel niet gerealiseerd. De belastingbetaler betaalt.

Deze fonds manager beoordeelt de ‘business case’ en is bereid mede te financieren. Lees: het risico deels te dragen. Waarna ook een ‘groene’ bankier bereid is, om een hypotheek op de braakliggende grond te verstrekken. Risico management, maar vooral voor groene bankiers met de grond als zekerheid. De groene website gaat dan wel over klimaat reddende emotie, maar uiteindelijk heeft onze groene bankier ook gewoon een hypotheek. De gemeente was overigens bereid die grond onder de marktprijs te verkopen.

All good ends good, zou je zeggen en ons zonnepark gaat enthousiast de zonnepanelen verkopen – aan de gemeentelijke inwoners – met als rendement de zonnestroom. Ondanks de duurzame folder valt de verkoop daarvan binnen de kleine gemeente nogal tegen. Er is na maanden reclame, folders lopen, advertenties, huisbezoeken, incentives etc. amper een paneel verkocht.

In de echte wereld zijn mensen namelijk zeer klimaat bewust, het moest alleen geen geld kosten. Tom Poes mag wederom een voorstel doen. En zo geschiedde. ‘Waarom stel je aan het bestuur van onze gemeente niet voor, dat zij een deel van de zonnepanelen kopen? Iets met dam én eerste schaap, onze CDA wethouder als ‘beleggingsadviseur’. Gebruik de groene stroom daarbij als aflaat richting de gemeente, het genereert direct inkomsten en kan in de folder – excuus, brochure – aan die gemeente refereren. Onze wethouder ook enthousiast, immers onze gemeente wordt ook duurzaam. Noem het vooral ‘klimaat neutraal’.

En zo geschiedde. Onder luid applaus ging de gemeenteraad – vorig jaar – akkoord met het voorstel om duurzaam te worden tegen de hoofdprijs. Van onderop – de gemeenteraad – werd er besloten de risico’s van een zonnepark af te wentelen op de lokale belasting betalers. De gemeente zou een lening verstrekken zonder zekerheden. Op basis van de externe expertise van het provinciaal duurzaam investeringsfonds hadden de raadsleden afdoende vertrouwen in de zonnestroom ondernemer. Het Raadsbesluit werd genomen en het CDA stond vooraan. Parijs had net geleerd dat de bevolking gered moest worden.

Maar toen …

Een klein jaar later kwamen de initiatiefnemers van onze zonneweide opnieuw bij de CDA wethouder. Ook mét de gemeente als beleggingsadviseur werd er geen zonnepaneel verkocht. Mensen zaten blijkbaar niet te wachten op de welvaart van zonnestroom. Het is voor de inwoners domweg goedkoper om af te zien van deelname in ons zonnepark. Tijdens dat overleg werden de Tom Poezen maar weer eens rijkelijk uitgeserveerd.

Niets nieuws onder zon, maar bijzonder wordt het in dit geval wel.

Onze zonnepark exploitant had een hernieuwd voorstel – crowdfunding. De firma Greenchoice had samen met haar ‘partner in crime’ de firma ‘Zonnedelen’ (een dochter van GreenChoice) een beter voorstel. Greenchoice zou alles regelen – inclusief de crowdfund actie. In plaats van dat de gemeente eigenaar zou worden van een aantal panelen, hoefde zij slechts de financieringsrisico’s over te nemen (gratis geld uitlenen zonder zekerheden). Dat de crowdfund actie een doorslaand succes werd, behoeft verder geen betoog. Immers alle risico’s werden verlegd naar het enthousiasme van het gemeente bestuur (B&W).

Het provinciaal fonds ‘duurzaamheid’ & de initieel benaderde bankier, stapten uit. Of ze waren niet meer nodig, te duur, of ontbeerden vertrouwen in de voorliggende business case. Hoe het ook zij, zij werden vervangen door een andere groene bankier (met hypothecaire zekerheid) & de crowdfund actie.

Het genomen Raadsbesluit werd/wordt dus niet uitgevoerd, immers de onderliggende business case is op materiële punten gewijzigd. Voortschrijdend inzicht kán, wat niet kan is een lokaal bestuur wat eigenhandig aan Raadsbesluiten een creatieve invulling geeft. Onze wethouder besloot in haar wijsheid anders.

Daarmee passeert deze wethouder het ‘budget recht’ van de Raad. Een politieke doodzonde. Maar de groene idiotie staat erbij te applaudisseren en breekt de democratische verworvenheden stukje bij beetje af.

En zo worden verliesgevende zonneweides en masse politiek doorgedrukt met de zogenaamde Salami tactiek. Elke keer een plakje en daarna roep je dat er geen weg terug is. En wie dit duurzaam mag betalen, is wel helder. Dat is de belasting betaler. De democratie kent uiteindelijk zo maar één winnaar, de duurzame exploitant van uw belastinggeld …

Wordt binnenkort vervolgd … dan over ‘investeren in windparken als publieke taak’.

Kolen exit – nul klimaat resultaat – maar wel een prijs. De hoofdprijs!

maandag, augustus 15th, 2016

Al enige tijd dringen partijen van het groene pluimage aan op het sluiten van alle kolencentrales. Een vijftal oude zijn of worden binnenkort gesloten, er is nog discussie over een tweetal uit de jaren negentig en een drietal nagelnieuwe kolencentrales. Die laatste drie behoren tot de schoonste ter wereld en kunnen in tegenstelling tot ouderwetse exemplaren ook deels ‘vraag volgend’ werken.

De vraag is waarom zouden we kolencentrales überhaupt willen uitfaseren en wat zou dat dan moeten gaan kosten? En niet totaal irrelevant, wie gaat dat dan betalen?

Volgens Greenpeace, Milieudefensie en aan haar gelieerde politieke partijen zoals GroenLinks, PvdA maar ook de ChristenUnie zijn kolencentrales giftige fabrieken. Zij produceren naast stroom vooral CO2 en fijnstof. In tegenstelling tot wat de klimaat adepten u willen doen geloven is CO2 geen milieuvervuiling (de wereld wordt er vooral groener van). CO2 is een reukloos en onzichtbaar gas wat wij vooral uitademen en de plantjes opnemen. De plaatjes van de zwart rokende schoorstenen die wij met enige regelmaat voorgeschoteld krijgen stoten met name vooral het levensbedreigende dihydromonoxide uit.

Of te wel waterdamp. Dat deze waterdamp cosmetisch zwart is, is met name te danken aan fotoshop of alternatieve beeldbewerkings-software welke onze milieu-adepten veelvuldig gebruiken.

Het NOS journaal 13 juli om 10.00
De Maascentrale volgens het NOS journaal 13 juli om 10.00
Maascentrale
Maascentrale in werkelijkheid

Denk daarbij ook aan de zielige ijsbeer op een eenzame ijsschots van het Wereld Natuur Fonds. De ijsschots komt waarschijnlijk uit het vriesvak en de ijsbeer uit de dierentuin. (Zie Maarten Keulemans Bogus de zielige ijsbeer)

Het RIVM heeft allang geconstateerd dat er overal en nergens fijnstof vandaan komt, maar nou net niet uit de energiesector in het algemeen of kolencentrales in het bijzonder. De meest recente milieu uitvinding van ‘nano fijnstoffen’ blijkt niets anders te zijn dan zee-zouten. Verbazingwekkend genoeg worden deze vooral aangetroffen aan de kust. De ‘fijnstof doden’ zijn dan ook al decennia zoek en bestaan eigenlijk alleen in de statistiek van Milieudefensie e.c. (Waar liggen de fijnstof doden)

Fijnstof productie per categorie
Fijnstof productie per categorie

Al eerder heb ik aangetoond dat er op zijn minst een correlatie bestaat tussen toenemende Nederlandse CO2 uitstoot en het toenemende vermogen aan hernieuwbare capaciteit. Kort gezegd vervangt weersafhankelijke stroom geen zogenaamde baseload en moet er dus bij meer wind- en zonnestroom meer baseload als back-up bijgeplaatst worden. Volgens sommige onderzoekers geldt zelfs dat voor elke 0,9% toegevoegd hernieuwbaar vermogen er 1% extra ‘klassiek’ vermogen moet worden bijgeplaatst. Of te wel zelfs méér fossiele back-up capaciteit dan dat er aan wind- & zonnestroom wordt bijgeplaatst (Bridging the Gap: Do Fast Reacting Fossil Technologies Facilitate Renewable Energy Diffusion?).

In Nederland zijn dat kolencentrales. Waterkracht kan niet, kernenergie willen we niet en gascentrales zijn te duur en dus neemt de CO2 uitstoot van kolencentrales toe.

De primaire reactie van de milieu partijen bestaat vervolgens uit het simpelweg verbieden van CO2 uitstoot door kolencentrales. Zelfs de opslag van CO2 wordt afgewezen. Niet omdat kolencentrales dan opeens niet ‘CO2 neutraal’ zouden zijn, maar omdat CO2 opslag afleidt van de zo gewenste weersafhankelijke stroom varianten. Of eigenlijk zijn de milieu adepten niet eens vóór wind- en zonnestroom, maar bovenal tégen kernenergie. Kernenergie stoot evident geen CO2 uit, maar wordt wel steevast in het rijtje ‘ fossiele’ energie geplaatst. Waterkracht trouwens ook, een stuwmeer is ‘ killing’ voor de biodiversiteit etc.

Het sluiten van grofweg 3,5 GigaWatt aan back-up kolenstroom vermogen, moet dus vervangen worden door nieuwe baseload. En wel voordat die kolencentrales worden uitgefaseerd, anders gaat het licht uit zodra het niet waait. Dat zou technisch rustig kunnen door Nederlandse gascentrentrales die momenteel in de mottenballen liggen. Alleen economisch niet, het gas is te duur – meer dan 50% van de gas-capaciteit is inmiddels stilgezet. Zelfs wanneer we goedkoop Russisch gas importeren, is dat in vergelijk met kolen veel te kostbaar. Opmerkelijk is, dat de voorstanders van gas import opeens het groene argument ‘Russische energie afhankelijkheid’ terzijde schuiven. Russische afhankelijkheid als gelegenheidsargument dus.

De enig resterende mogelijkheid om na het uitfaseren van kolencentrales het licht aan te houden, is het importeren van baseload. De Franse en Belgische baseload bestaat voornamelijk uit kernenergie en nog geen decennium geleden importeerden we dat ook massaal. De Duitse baseload bestaat – net zoals in Nederland voornamelijk uit (bruin)kool centrales en Poolse steenkoolcentrales. Sluiten we de Nederlandse kolencentrales gaan de Duitse- & Poolse centrales overuren draaien. Alleen is dat niet gratis. Verre van dat zelfs.

Het sluiten van Nederlandse kolencentrales heeft geen effect op fijnstof noch op CO2. Het heeft enkel effect op de leveringszekerheid – of bij import van stroom-baseload – op de prijs daarvan. Het willen sluiten van deze kolencentrales is een groene politieke actie voor de bühne, Eéntje met een prijs, de hoofdprijs wel te verstaan.

Minister Kamp heeft het ECN laten uitrekenen wat het effect zou zijn op de marktprijs voor stroom. Niemand heeft dat rapport nog gezien, maar de hoofdlijnen zijn wel uitgelekt. Een bedrag van €7 miljard doet de ronde. Alleen zegt dat bedrag niets, zonder te weten over hoeveel jaar dat gaat. De totale kosten voor het stroomverbruik van het Nederlandse bedrijfsleven en de Nederlandse consument zouden jaarlijks met circa €500 miljoen toenemen. Door stijgende marktprijzen voor elektriciteit. Aangezien het bedrijfsleven die kosten doorberekent in haar producten is uiteindelijk de consument degene die de rekening betaalt.

Overigens is een stijgende stroomprijs door een kolenexit nog maar zeer de vraag. Een verdere daling lijkt meer voor de hand te liggen door het fenomenale surplus aan wind- & zonnestroom. Vanuit Duitsland en Nederland. Bij een verder dalende stroomprijs én een Nederlandse kolenexit gaat óf het licht uit (black-out) óf de prijs van de Duitse back-up omhoog. Het is dan ook niet voor niets dat de Duitse overheid juist kolencentrales wil verplichten om open te blijven en zelfs bereid is de eventuele verliezen vanuit de staatsruif aan te zuiveren. Wanneer het groene smaldeel van de bevolking beweert dat de fossiele industrie gesubsidieerd wordt, kon zij – wrang genoeg – nog wel eens gelijk krijgen ook.

Nu maakt de marktprijs voor stroom maar 15% uit van de stroom energierekening voor consumenten, de rest zijn belastingen en (duurzame) opslagen. De marktprijs voor stroom is circa 3 cent per kWh, de consument betaalt daarentegen 19 cent. De Rijksoverheid gaat echt niet de energiebelastingen verlagen omdat de marktprijs voor stroom gestegen is. Een macro stijging van de marktprijs met €500 miljoen leidt tot additionele energiebelasting voor bedrijfsleven en consumenten van een veelvoud daarvan (grofweg nogmaals €1,5 miljard per jaar).

Het sluiten van 3,5 GigaWatt aan kolencentrales kost de Nederlandse belastingbetaler in het ECN scenario dus grofweg €2 miljard per jaar extra. Dat is nog zónder de schadeloosstelling voor de eigenaren/aandeelhouders van die centrales. Die centrales staan voor circa €6 miljard in de boeken. Daar komt nog bij de NCW (netto contante waarde) van het verlies aan toekomstige revenuen over het restant van de afschrijvingstermijn – zeg 30 jaar.

Ik ken de details van die investeringen natuurlijk ook niet, maar een ‘ Internal Rate of Return’ van 10% over de boekwaarde van €6 miljard lijkt redelijk. Maar rekenen we met 5% ivm de geïmplodeerde marktprijzen voor stroom door het overaanbod van groene varianten, gaat het nog steeds over circa €1,5 miljard. Daarmee kost de kolenexit de Nederlandse belastingbetaler tenminste €7,5 miljard ineens en tussen de €0,5 en €2 miljard per jaar (30 jaar lang).

Dat is een slordige €1.000,- per huishouden ineens en tenminste €150,- per jaar extra. Dat klinkt toch echt anders dan de €10,- jaarlijks per huishouden waarmee de firma Greenpeace en companen schermen.

Het sluiten van kolencentrales ipv het moderniseren daarvan, heeft geen enkel effect op de CO2 uitstoot of fijnstof. De gascentrales komen ook niet uit de mottenballen. Wel zullen wij de hoofdprijs betalen voor Duitse- & Pools kolenstroom. En natuurlijk per huishouden €1.000,- plus de rest armer zijn. Groene devotie heeft zo haar prijs en in dit geval de hoofdprijs.

Wind- & zonnestroom hebben geen waarde. Waardeloos. Letterlijk.

woensdag, juni 1st, 2016

De duurzame adepten zien graag 100% weersafhankelijke stroom met daarbij wind- & zonnestroom als hoofdmoot. Daarbij verschijnen te pas en te onpas allerlei enthousiaste mededelingen als ‘Portugal vier dagen volledig op zonnestroom’ (http://bit.ly/1WXwZE1) of Duitsland op 1e pinksterdag bijna een kwartier volledig op windstroom. Daarbij suggererend dat een combinatie van weersafhankelijke wind- & zonnestroom voldoende zou zijn om ‘fossiele’ centrales mettertijd uit te kunnen faseren. Helaas, was het maar zo simpel.

Als we maar genoeg windturbines neerzetten, dan kunnen de kolencentrales dicht. Om zo het credo van de klimaat gelovigen maar even samen te vatten. De neutrale toeschouwer – zoals ik mijzelf beschouw – wordt daarbij beticht van ‘vuilspuiterij’, ‘tuig van de richel’ en moet ‘het land worden uitgetrapt’. Een weinig verheven bijdrage aan de discussie en bovendien niet getuigend van de kracht van het argument. Maar dat terzijde.

De doelstellingen waren in beginsel gericht op minder CO2 uitstoot, de 20-20-20 doelstelling. 20% Minder CO2 uitstoot in 2020 te bereiken door 20% meer ‘duurzame’ energie en energiebesparing. De gedachte daarachter lijkt logisch, maar blijkt in de praktijk weerbarstig. Meer weersafhankelijke stroom (stroom is daarbij overigens slechts 17% van onze energiebehoefte) heeft méér CO2 uitstoot tot gevolg en niet minder.

Niet alleen in Nederland, maar ook in Duitsland of Frankrijk. De Scandinavische landen vormen daarop een uitzondering om een voor de hand liggende reden – waterkracht. Plus natuurlijk relatief weinig inwoners.

Meer weersafhankelijke stroom leidt tot meer CO2 uitstoot

Meer weersafhankelijke stroom leidt tot meer CO2 uitstoot

Willen we de energievoorziening van Nederland vergroenen, zul je de zogenaamde baseload moeten vergroenen. Het toevoegen van weersafhankelijke stroom is daarbij een zinloze exercitie. Windstroom heeft een productiefactor van 22% (wind op land) en 36% (wind op zee), zonnestroom heeft een productiefactor van 10%. Dat kan middels technologische innovaties nog wel iets stijgen, maar geen tientallen procenten. Tenzij we uiteraard de wetten der fysica willen onderwerpen aan de wetten van de kansel.

Naarmate we meer weersafhankelijke stroom – zwaar gesubsidieerd – toevoegen aan het aanbod, zonder dat de vraag daarnaar toeneemt, daalt de prijs van die stroom (Economie HAVO-2). De consument betaalt een lagere stroomprijs, maar daarboven de steeds hogere subsidie aan de groene stroom producent. Per saldo vliegt de consumentenprijs voor stroom door het plafond. Die lagere marktprijs heeft vrijwel direct een hogere duurzame belasting tot gevolg.

Sinds 2012 betaalt de Duitse stroom consument meer aan de duurzame opslag per kWh dan voor de feitelijke marktprijs daarvan. Stroom is vrijwel gratis, alleen de groene emotie daarmee annex alles behalve. Dat gaan we in Nederland ook zien, er wordt alleen al in 2016 voor €2.500,- per huishouden aan groene verplichtingen aan gegaan. De uitvoering van het energieakkoord gaat ieder gezin grofweg €12.000 kosten, waarvan onze kinderen en klein kinderen de blauwe incasso enveloppe gaan krijgen.

Een lagere stroomprijs wordt gecompenseerd door meer duurzame belasting

Een lagere stroomprijs leidt tot hogere duurzame belasting

De voorbeeldlanden Duitsland en Denemarken kennen de hoogste energie tarieven ter wereld. Ruim twee derde van die rekening bestaat uit duurzame belasting en dat wordt alleen maar meer. Het is dan ook niet abusievelijk dat beide landen (maar ook Zweden http://bit.ly/1WW6wFC en China) vol op de remmen gaan staan bij de uitbreiding van het groene stroom areaal. In China wordt windstroom inmiddels beschouwd als afval, ze kunnen het niet meer kwijt op het net (http://reut.rs/1q76Ft8).

De Duitse Energiewende is dé facto voorbij, Duitsland zoekt alleen nog een charmante manier om dat te laten landen. In Denemarken een vergelijkbaar verhaal http://bit.ly/1O3fAqW. Ons aller PvdA Tweede Kamer lid – Dhr. Jan Vos – verhaalt telkenmale met verve dat wind-energie in Denemarken is aanbesteed onder de prijs van ‘fossiele’ energie. Hij zal nu moeten toelichten waarom datzelfde Denemarken een vijftal geplande offshore windparken van de agenda heeft verwijderd. De Deense economie en consument hebben namelijk zwaar te lijden onder de duurzame aspiraties van de groene idealisten.

Door de voorrang van groene stroom op het net, was afgelopen jaar de stroomprijs al meermaals negatief. Producenten betalen liever, om van hun afval-stroom af te komen, zolang de subsidie het verlies dekt.

16 cent per kWh kost het, om van je duurzame stroom af te komen.

16 cent per kWh kost het, om van je duurzame stroom af te komen.

Zondag 8 mei in Duitsland was daarvan een schrijnend voorbeeld. Onze Duitse energie leveranciers leverden stroom onder bijbetaling van 16 cent per kWh. Gedurende een paar uur was Duitsland weliswaar voor 80% groen, het heeft de Duitse consument alleen een vermogen gekost. Ons staatsbedrijf TenneT – de net beheerder – heeft over 2015 een slordige half miljard moeten uitbetalen aan groene wind boeren met een groen idealistisch contract. Om vooral alstublieft géén stroom te leveren.

Tegelijkertijd kun je geen kolen- gas- of kerncentrales sluiten. Zaterdag 28 Mei waaide het amper en zonne-stroom doet het ’s avonds echt niet. 78% van de tijd waait het niet of niet genoeg en door het jaar heen is het 50% van de tijd gewoon donker. Namelijk ’s nachts en ’s winters. Dat het ergens in Europa altijd wél waait, blijkt ook al een Greenpeace mythe.

Zonder ‘fossiele’ centrales hadden we 28 Mei j.l. collectief hoogstens nog kunnen meezingen met de golden oldie ‘Where were you when the lights went out in NYC‘ – maar dan New-York moeten vervangen door ‘all over Europe‘.

Deense wind goed voor grofweg 10% van de stroom behoefte.

Deense wind goed voor grofweg 10% van de stroom behoefte.

Windstil in heel Europa

Windstil in heel Europa

Zon- & wind vervangen domweg geen baseload. Sterker nog, het omgekeerde is het geval. Naarmate we meer weersafhankelijk vermogen aan de capaciteit toevoegen, moeten we meer stand-by capaciteit toevoegen. Hoe meer wind- & zonnestroom, hoe meer kolen-, gas of kernenergie centrales erbij moeten. En gezien de Amerikaanse Schaliegas revolutie, zullen goedkope kolen en bruinkolen daarbij vooraan staan. De CO2 uitstoot stijgt!

En dat gebeurt overigens in Europa ook keurig. Duitsland en Nederland hebben een zestal hoog vermogen kolencentrales in productie genomen en in de UK staan er een viertal kerncentrales in de planning voor de komende 10 jaar. Frankrijk werd – nota bene door ons CPB – gekapitteld wegens het niet halen van de duurzame energie doelstellingen. Tegelijkertijd is datzelfde Frankrijk een voorbeeldland wanneer we kijken naar de CO2 emissie doelen.

Frankrijk stoot voor de elektriciteitsproductie amper CO2 uit

Frankrijk stoot voor de elektriciteitsproductie amper CO2 uit

Wind- & zon zijn in Zuid-Australië belangrijke stroom leveranciers, circa 40%. Met enige regelmaat ligt daar het maatschappelijk verkeer inmiddels compleet stil. Treinen staan stil, airco’s laten het afweten. Geen wind – of te veel wind, geen zon – en de energie voorziening staakt. Het stroomnet kan het niet aan, de touwtjes boven de grond ontploffen. Letterlijk.

Duitsland zal circa 30% weersafhankelijke stroom kunnen absorberen, een percentage wat in 2017 wel ongeveer bereikt gaat worden. Nederland kan iets minder weersafhankelijke stroom toelaten op het net. Waterkracht als balancerende factor lijkt mij een limiterende factor hier. Dat zie je vaker in delta’s – ze zijn in de regel nogal plat.

Een educated guess limiteert de hoeveelheid weersafhankelijke stroom die het Nederlandse net aan kan tot circa 25%. Hetgeen wij bij ongewijzigd beleid zo rond 2023 zullen bereiken. Bedenk daarbij dat de Nederlandse netbeheerder (TenneT) tot de beste van de wereld behoort. Zo u in Zuid-Afrika zou wonen, dan functioneert uw koelkast slechts een half uur naar behoren. En dat is dan per week … niet per dag.

In generieke zin is de hoeveelheid weersafhankelijke stroom wat een goed georganiseerd ‘grid’ kan verwerken beperkt. Het produceren van stroom is dan ook een non-issue, de grootschalige opslag daarvan is – gezien de basale wetten der fysica en economie – onoplosbaar.

Paard achter de wagen

Het is dan ook daarom dat de Duitse Autoriteit voor de Consument & Markt (ACM) – in Brussel – een buitengewoon interessant voorstel deed. ‘Reken de kosten van stand-by vermogen toe aan de leveranciers van (weersafhankelijke) wind- & zonnestroom‘.

Combineer dat eventueel met een CO2-tax en daarmee krijgt niet alleen CO2 emissie een prijs, maar leveringszekerheid ook. Immers weersafhankelijke stroom waar geen vraag naar is, blijkt economisch zonder waarde. Waardeloos. Letterlijk.

Warmtenetten als de groene bleeder van morgen

donderdag, april 7th, 2016

Nederland wil tempo maken met de ‘vergroening’ van de energievoorziening. De doelstelling minder CO2 uitstoot, is daarbij vertaald naar meer duurzame energie en in het bijzonder naar meer hernieuwbare stroom. Dat weersafhankelijke stroom zoals wind- en zonnestroom juist verantwoordelijk zijn voor méér CO2 uitstoot, willen onze groene adepten niet aannemen.

CO2 vs wind NL

Wie de energievoorziening wil verduurzamen moet op zoek naar groene vervanging van de zogenaamde baseload. Zolang het politiek bestuur geen beleidsinvloed heeft op het weer – Henk Kamp met ‘het weer’ in portefeuille – heeft het toevoegen van wind- en zonnestroom geen ander effect dan het imploderen van de marktprijs voor stroom. En het exploderen van de consumentenprijs voor stroom. Zowel Duitsland en Denemarken zijn – met recht – daarin voorbeeldlanden.

Marktprijzen stroom in Duitsland

Marktprijzen stroom

Minder CO2 uitstoot in relatie tot de baseload van onze stroom voorziening kan grofweg op een drietal manieren gerealiseerd worden. 1) kernenergie 2) waterkracht en 3) een hoger energie rendement van het bestaande gas- en kolenvermogen.

Kernenergie ligt door desinformatie van met name Greenpeace, PvdA en GroenLinks velen zwaar op de maag. Hoewel de eerlijkheid gebiedt te constateren dat ook de deskundigen van GroenLinks beginnen in te zien dat kernenergie onvermijdelijk deel zal uitmaken van de energiemix – http://energeia.nl/columns/column/553594-1603/waarom-kernenergie-en-groen-optimisme-samengaan

Waterkracht is in Nederland amper mogelijk en dus resteert optie 3. Moderne kolencentrales produceren met 20% minder kolen dezelfde hoeveelheid stroom. Dat 20% minder kolenverbruik leidt tot 20% minder CO2 uitstoot, hoeft naar ik aanneem geen verder betoog. Kolencentrales moet je dan ook niet uitfaseren maar moderniseren. Wanneer daar subsidie voor nodig zou zijn, weet ik nog wel een potje van €4,5 miljard te liggen wat nu ingezet gaat worden voor biomassa bijstook (waarbij het energie rendement overigens 10% daalt).

Nu is het stroomverbruik maar 20% van het energieverbruik, de rest is industriële warmte waaronder een stukje transport. En toch zie je opeens als eureka moment overal plannen voor warmtenetten opduiken. Het transport van warmte is by far de meest kostbare vorm van energietransport. Veel zinvoller is het om de warmte bij de bron te converteren naar stroom en die stroom te transporteren om vervolgens elektrische energie ook te gaan gebruiken voor verwarming.

Energie verbruik Nederland

De benodigde infrastructuur daarvoor hebben we al liggen, we noemen het ‘stopcontact’. Daarmee is er tevens geen noodzaak meer om de warmtebron en eindgebruiker naast elkaar te plaatsen. Technische innovatie maakt het nu al mogelijk om de thermische energie uit water van 60 graden Celsius met hoog rendement te converteren naar elektrische energie. Hoogwaardige stoom is daarvoor helemaal niet meer nodig.

Overal in de lande klagen de gebruikers steen en been over die warmtenetten. Te duur, werkt niet, geen alternatief, niet comfortabel en gaat u zo maar verder. Over het fiasco van warmtenetten kunnen ze u in Leeuwarden en Amersfoort van alles vertellen. U kunt de daar aanwezige warmtenetten het meest eenvoudig vinden nadat het gesneeuwd heeft. In Leidsche Rijn heeft Eneco recent besloten om er maar vanaf te zien omdat de zelfs de milieurendementen niet aanwezig zijn. Er is niets duurzaams aan.

Warmtenetten zijn uit

Maar waarom willen Leeuwarden maar ook Groningen dan met alle geweld dan toch die warmtenetten uitbreiden of zelfs nieuwe aanleggen? De netwerkbedrijven blijken daarachter de drijvende kracht te zijn en met name naïeve politici met een groene agenda staan aan hun zijde. 

Die netwerkbedrijven willen maar wat graag een nieuwe – maar overbodige – infrastructuur aanleggen met gedwongen winkelnering voor de klant. Pensioenmaatschappijen willen maar wat graag participeren vanwege een verzekerd rendement op kosten van de belastingbetaler. Die heeft immers geen andere keuze dan te verhuizen naar een woning zonder warmtenet aansluiting. En het opnieuw oprichten van gemeentelijke energiebedrijven staat hoog op de verborgen agenda van GroenLinks.

Het circus wat nu door het land reist onder de noemer ‘Energie Dialoog’ wordt door onze groene vrienden schaamteloos misbruikt om deze warmtenetten te promoten. Elke vorm van opbouwende kritiek wordt de mond gesnoerd. De dames en heren vanuit de ambtenarij zijn heel goed op de hoogte van de mogelijkheden om laagwaardige warmte energie hoog efficiënt naar stroom te converteren. Zij willen echter coûte que coûte een nieuwe infrastructuur aanleggen.

Die warmtenet infrastructuur wordt als verborgen politiek instrument misbruikt om opnieuw gemeentelijke energiebedrijven op te kunnen richten. Uiteraard met groen gedwongen winkelnering, want zij weten wat goed voor u is. De vraag stellen waar de rekening van deze groene agenda terecht komt, is hem beantwoorden. De inkomensafhankelijke energienota en de energietoeslag staan om de hoek al klaar.

De energie dialoog werd beëindigd met een minuut stilte om het einde van het fossiele tijdperk te herdenken. Om het niveau en inhoud daarvan maar even te duiden. Wat een ongekend inhoudsloze vertoning. Gelukkig kunnen we de bla bla bingokaart van Milieu Defensie nog altijd verbranden om het warm te krijgen …

IMG_3482

De wet Stroom en de blunder van het CDA

zondag, december 27th, 2015

Op de laatste vergaderdag van de Eerste Kamer heeft deze de wet Stroom weggestemd met de kleinst mogelijke meerderheid. Tegen waren naast de SP, PVV, PvdD, 50plus en de OSF, de fractie van het CDA. Deze politieke partijen – en uiteraard GroenLinks – waren tegen het zogenaamde groepsverbod voor elektriciteitsbedrijven.

Een uitermate merkwaardige tegenstem, want dat groepsverbod stond helemaal niet – nieuw opgenomen – in het wetsvoorstel. Dat groepsverbod bestaat al sinds 2006 in de wet WON (Wet Onafhankelijk Netbeheer) en is destijds aangenomen met alleen de SP fractie als tegenstem. De PVV, PvdD en 50+ waren in de Tweede Kamer destijds niet vertegenwoordigd. GroenLinks & het CDA uiteraard wel, zij zijn dus blijkbaar opeens van mening veranderd – gekanteld zogezegd.

Maar waar gaat dat groepsverbod nou eigenlijk over en waarom willen GroenLinks en het CDA daar opeens vanaf?

Dat groepsverbod gaat over het verplicht splitsen van energiebedrijven in stroom producenten en bedrijven die stroom transporteren – de stroomtouwtjes naar uw woning. De EU heeft besloten – met instemming van de Tweede Kamer – dat de Nederlandse energiemarkt ook opengesteld moest worden voor andere dan uitsluitend Nederlandse stroom leveranciers. U kunt inmiddels kiezen uit tientallen stroomleveranciers en het overstappen naar een andere, kan U jaarlijks honderden euro’s schelen. Me dunkt, een doorslaand politiek succes.

Het kabinet Balkenende II (jawel, die van het CDA) heeft in 2006 tegelijkertijd besloten dat het netbeheer niet aan de markt moest worden overgelaten, maar in publieke handen moest blijven. Het privatiseren van het netbeheer – die touwtjes naar uw woning – is onwenselijk. Immers de enige manier voor een consument om een andere netbeheerder te krijgen, is domweg verhuizen. Daarmee zouden private netbeheerders de facto een knop krijgen om ongelimiteerd rekeningen te sturen naar uw adres. De klant heeft geen enkele andere keuze, dan betalen of verhuizen.

Alle energiebedrijven in Nederland hebben die wet Onafhankelijk Netbeheer dan ook inmiddels uitgevoerd. Met slechts een tweetal uitzonderingen, te weten de firma Eneco en de firma Delta. De stroombedrijven, die overbleven kent u bijvoorbeeld onder de namen Essent en NUON, inmiddels onderdeel van het Duitse RWE respectievelijk het Zweedse Vattenfall.

De voormalige aandeelhouders van Essent & NUON (100% lagere overheden) zijn daar schathemeltje rijk van geworden, de consument en belastingbetaler dus ook. Door zwaar gesubsidieerde hernieuwbare energie zitten zowel RWE en Vattenfall nu overigens in de problemen.

Feitelijk is in Duitsland de EnergieWende – en in Nederland het Energieakkoord – tijdelijk de zwanenzang voor traditionele stroom leveranciers geworden. Alleen wel op kosten van de belastingbetaler, waarbij de energiereuzen de groene activiteiten nu massaal onderbrengen in een ‘bad bank’. Ook groene subsidies zijn namelijk uiteindelijk eindig …

De kerstboodschap van de EON directie was dan ook luid en duidelijk; Geen van de doelstellingen van de Duitse EnergieWende is bereikt. Groene werkgelegenheid, duurzame stroom en CO2 uitstoot vermindering zijn vooral een zwaar gesubsidieerde farce gebleken (Frankfurter Algemeine, 26 december 2015)

De firma’s Eneco en Delta hebben beiden structureel geweigerd om het stroombedrijf af te splitsen van het netbeheer – zij hebben geweigerd om de wet uit te voeren. Na 10 jaar ligt er dan eindelijk een aanwijzing van de ACM (Autoriteit Consument & Markt). Elke procedure – tot en met de Hoge Raad aan toe – hebben deze twee energiebedrijven verloren.

Het CDA noch Groenlinks stellen zichzelf de vraag … waarom? Wat is het belang van Eneco en Delta om te weigeren een democratisch vastgestelde wet gewoon uit te voeren? Het antwoord daarop is gewoon een ‘follow the money’ exercitie …

De groene en religieuze politici hebben zich laten overtuigen door de Eneco/Delta lobby, dat het splitsen ten koste gaat van werkgelegenheid en het financieren van duurzame initiatieven. Dat is an sich correct, immers onrendabele stroombedrijven hebben het moeilijk in de markt. Alleen zijn Eneco en Delta voor 100% in handen lagere overheden en die willen voor geen goud de jaarlijkse dividend uitkering – miljoenen – missen. En die worden verdiend met de afdeling stroom touwtjes.

Deze Provincies en gemeentes weten feilloos dat hun stroombedrijf min of meer waardeloos is en dat de cashcow het netbedrijf is. Dat netbedrijf heeft immers een ongelimiteerde mogelijkheden om uw stroom rekening op te schroeven onder de titel ‘transport vergoeding’. Om zo de dividend uitkering zeker te stellen en de risico’s van groene initiatieven af te wentelen. De enige manier om van uw Eneco/Delta rekening voor stroom leverantie af te komen is verhuizen!

Daar zullen die lagere overheden toch wel prudent mee omgaan? Nou, nee, niet echt …

De stroomfirma Eneco is bijvoorbeeld een paar jaar geleden een langjarig contract aangegaan met het Franse Air-Liquide, waarbij Eneco de stroom van de gezamenlijke operatie zou afnemen. Het Eneco netbedrijf – uw stroomtouwtjes – stond daarbij garant (een zogenaamde 403 verklaring). Maar toen de marktomstandigheden wijzigden – door de Energiewende / het energieakkoord ontstond er een overschot aan stroom – daalde de marktprijs voor stroom. Eneco ging nat voor €1,3 miljard(!) – betaald uit de transportvergoeding.

Eneco financiert groene initiatieven uit de belastingkraan van de stroomtouwtjes. Vandaar ook dat Eneco – terecht – beweert, dat bij een verplichte splitsing er geen €400 miljoen is voor bijvoorbeeld een Rotterdams warmtenet. De groene plannen die Eneco entameert, worden betaald door de consument welke ongelukkigerwijze aangesloten zit op een Eneco touwtje. Voor de firma Delta geldt mutatis mutandis het zelfde. Zij willen ook af van verlieslatende activiteiten. Maar dan evenzeer uitsluitend op kosten van de belastingbetaler. U … en ik.

De aandeelhoudende gemeentes van Eneco/Delta hebben daarentegen de dividend opbrengsten gewoon in hun begroting staan. Vandaar de politieke druk op de Eerste Kamerleden van met name het CDA. Of die volksvertegenwoordigers van het CDA hebben niet begrepen hoe het werkt, of die leden hebben een andere duurzame agenda. Ik vermoed het eerste.

Het CDA heeft op een – bij voorbaat verloren punt – powerplay gespeeld. Met als resultaat dat de verplichte splitsing van Eneco en Delta gewoon doorgaat – en terecht. Tegelijkertijd is ‘wind op zee’ met tenminste een halfjaar uitgesteld en wellicht zomaar afgesteld. Zo ‘wind op zee’ vertraagd doorgang vindt, heeft het CDA vooral bereikt dat het een slordige €3 miljard duurder wordt, €1.500 per gezin. De belasting verlaging van Rutte, is daarmee op de laatste vergaderdag van de Eerste Kamer, eerst door het CDA aangenomen en een paar uur later integraal teniet gedaan.

In mijn optiek moeten we zo snel mogelijk af van de ‘energie belastingkraan’ van lagere overheden. Het kan kwalijk de bedoeling zijn dat uw woonplaats bepaalt hoeveel energiebelasting u betaalt. Deze opstelling van een meerderheid van de Eerste Kamer is daarbij beschamend. De Eerste Kamer is er om wetsvoorstellen te toetsen aan de grondwet. Voor politieke besluiten hebben we de Tweede Kamer. Dit valt niet meer uit te leggen aan de deelnemers van onze parlementaire democratie – de spaarzame kiezer.

We’ve just wasted a good crisis …

dinsdag, december 8th, 2015

De jaarlijkse discussie over het basis inkomen vinden we altijd terug zo rond Sinterklaas. Het idee is, dat iedere Nederlander – stel – €750,- per maand netto krijgt (AOW alleenstaande) en dat de bijstandsuitkering plus de wereld aan toeslagen worden afgeschaft. Gaat iemand aan het werk, dan blijft dat basis inkomen gewoon bestaan. Tegelijkertijd laten we de relatie tussen ‘werken voor je uitkering’ los, de bureaucratie om de bijstandsuitkering heen, heffen we op.

Dat lijkt op het eerste oog een prima plan, maar er zijn een paar vervelende nadelen. De eerste is logischerwijze, wie gaat het betalen? Gratis geld bestaat niet, dus de inkomstenbelasting voor de wel werkende beroepsbevolking stijgt door het plafond. CPB berekeningen leren dat de hardwerkende Nederland nog maar 50% van zijn bruto inkomen overhoudt – of te wel 35% na het betalen van sociale verzekeringen zoals de zorgpremies.

Een tweede vervelend nadeel is, dat een bijstandsgezin met volwassen kinderen €3.000,- per maand ontvangt en de alleenstaande AOW’er maar €750,-. Ik geef het u te doen. In no time gaat Den Haag weer differentiëren naar gezinssamenstelling en inkomen én is de bureaucratie weer net zo hard terug. Al met al dus een slecht plan.

Maar het kan ook anders.

Als we iedereen nou eens een belastingvrije voet gunnen ter hoogte van het bijstandsminimum. Dat klinkt logisch. Immers stellen we eerst vast dat er een bestaansminimum in Nederland bestaat, maar voor wie daarvoor gewoon voor werkt, belasten we dat inkomen deels weg. Dat is natuurlijk raar.

Sterker nog, ooit hadden we zo’n belastingvrije voet. Onder Wim Kok is die vervangen door een zogenaamde Tax Credit, zodat die belastingvrije voet werd afgerekend tegen het laagste tarief voor de inkomsten belasting. Onder het mom van iedereen even arm. Evenzeer redelijk bizar, het motiveert nou niet bepaald om een hoger inkomen te genereren.

Maar buiten de politieke doctrines om, is er wel een begaanbaar politiek middenpad. We schaffen de Tax Credit van Wim Kok weer gewoon af en gaan terug naar een belastingvrije voet ter hoogte van dat minimum inkomen. Wie dat bestaans-minimum niet haalt, ontvangt automatisch de negatieve inkomsten belasting maandelijks op zijn rekening. Met een eindafrekening per 31 december van enig jaar.

Wie dus aan het einde van de maand zijn ‘vrije fiscale ruimte’ niet heeft opgesoupeerd, ontvangt een fiscale aanvulling. Wie omgekeerd die ‘vrije fiscale ruimte’ al na de eerste week heeft benut, kan dat afrekenen tegen het hoogste tarief voor de inkomstenbelasting. Het loont dus om zoveel mogelijk te verdienen en tegelijkertijd hoeft niemand door de sociale hoefjes te zakken.

Een dergelijke stelselwijziging is min of meer budget neutraal. De Rijksopbrengsten wijzigen niet wezenlijk, want er zijn maar relatief weinig mensen die het top-tarief voor de inkomstenbelasting betalen. De hypotheek rente aftrek blijft gewoon bestaan, alleen het toeslagen circus – en dus alle 250 aanvullende minima regelingen – worden afgeschaft.

Gemeentes wordt het verboden om aan inkomens-politiek te doen. Bijzondere bijstand – exit, vrijstelling gemeentelijke heffingen – exit, voedselbank, kledingbank, Sinterklaasbank, voedselbank voor honden (Amsterdam) – exit. Maatwerk mag blijven bestaan, maar uitsluitend op individueel niveau en als laatste redmiddel.

Wat daar voor nodig is? Niet eens zoveel, maar een politiek metier wat cliëntelisme over de schutting kiept is wel het minste. We’ve just wasted a good crisis …

SDE+ regeling buiten het democratisch proces geplaatst

zaterdag, april 18th, 2015

Dat hernieuwbare energie geld kost — veel geld kost — zonder dat we de behoefte hebben aan dat beetje extra stroom én dat die (wind)stroom geen enkele positieve invloed heeft op ‘het klimaat’ is een gegeven. Het echte (politieke) probleem ligt ergens anders — een laagje dieper.

De SDE+ regeling (de duurzame subsidies) is volledig buiten de Rijksbegroting geplaatst. Elke verhoging daarvan is op geen enkele invloed op die begroting — zij wordt direct omgeslagen over de energienota van de consument. Een tekort (of overschot) op de Rijksbegroting wordt er niet door veroorzaakt of bewerkstelligd.

Daarmee is de SDE+ regeling buiten het democratisch proces geplaatst. De Tweede Kamer gaat er de facto niet over. Er is geen enkele formele controle op de grootte of de uitgaven van die SDE+ regeling. Het ministerie van EZ draait dan wel aan de knoppen, maar is daarover geen verantwoording verschuldigd aan de democratie. Immers de Rijks-begroting wordt er niet door beïnvloed. Daarmee raakt de SDE+ regeling in de kern het laatste recht van die democratie (de Tweede Kamer), het budgetrecht.

Ook een wisseling van de wacht in het Haagse gaat daar dus niets aan veranderen. Daarmee hebben wij zelf een ‘open einde’ funding gecreëerd, waarbij nut & noodzaak voor politici van ondergeschikt belang is.

De enige manier om onze democratie het instrument terug te geven om een zakelijke afweging te maken — hoe bereiken wij onze doelstellingen tegen de laagste kosten — is het hervormen van de SDE+ regeling naar een reguliere begrotingspost. Of natuurlijk een volksrevolte.

Met name het linkse metier zit in een zeer comfortabele positie. Zij kunnen duurzaam geld uitgeven zonder daarover verantwoording te hoeven afleggen. De geschiedenis leert dat zij daar — bv in het sociale domein — een aantal zeer positieve ervaringen mee heeft opgedaan.

Duurzame (wind) energie is één van de weinige speelvelden waarbij het voor de duurzame ondernemers onder de streep (vrijwel) altijd groen is. Als er nou één speelveld is waar de armen armer worden én de rijken rijker … Dus ook van die kant zou ik niet rekenen op massa demonstraties.

Blijft over de volksrevolte. En dat is géén onmogelijkheid. In de 70’er jaren waren er hele volksstammen die het nucleaire deel van de energienota betaalden op een geblokkeerde (derden) rekening. De rechter stond dat gewoon toe.

Wanneer wij — in grote getale — het SDE+ deel van de energienota betalen op een geblokkeerde (derden) rekening, wordt het Haagse echt vanzelf wakker. De duurzame lotgenoten zijn er zelf mee groot geworden, dus bezwaar van die kant is eenvoudig te pareren. Ik zeg: Doen!